U bent hier

Onderneming & Personeel
Vergunningplicht verwijderen asbest ter consultatie

Vergunningplicht verwijderen asbest ter consultatie

Werken met asbest moet veiliger worden. Daarom ligt er een wetsvoorstel voor een vergunningplicht voor asbestverwijderaars. Dit moet ook helpen om malafide praktijken met asbestverwijdering tegen te gaan. Het voorstel ligt ter internetconsultatie.

Staatssecretaris Nobel (Participatie en integratie) wil dat er een vergunningplicht komt voor bedrijven die asbest verwijderen of die sloopwerkzaamheden uitvoeren waarbij asbest wordt verwijderd. Dat staat in een wetsvoorstel dat nu ter internetconsultatie ligt. Het wetsvoorstel regelt ook dat gegevens van bedrijven met een vergunning openbaar gemaakt kunnen worden en eveneens het gebruik van de Wet Bibob (zie hieronder). Vorig jaar is de Europese richtlijn voor veilig werken met asbest aangepast. Ook toen zijn er al regels voor werken met asbest veranderd. Voor het invoeren van een vergunningplicht moet deĀ  Arbeidsomstandighedenwet gewijzigd worden. De verdere uitwerking van de wijziging komt in het Arbobesluit te staan. Deze zal op een later moment in consultatie gaan.

Screening achtergrond aanvrager

In het Arbobesluit staan regels voor werken met gevaarlijke stoffen. Op dit moment moeten bedrijven gecertificeerd zijn als ze werkzaamheden met asbest boven een bepaalde grenswaarde uitvoeren. Straks is een vergunning nodig voor alle werkzaamheden waarbij asbest wordt verwijderd. Ook komt er een openbare lijst met bedrijven die een vergunning hebben. Bij de beoordeling van de vergunningverlening kan de gemeente de Wet Bibob (Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur) gebruiken. Die maakt het mogelijk om de achtergrond van de aanvrager van de vergunning te screenen. Komt daaruit dat de aanvrager niet betrouwbaar is, dan kan het onderzochte bedrijf geen vergunning krijgen. Heeft een bedrijf al een vergunning, dan kan die alsnog worden ingetrokken. Reageren op dit wetsvoorstel kan tot en met 2 april 2025 via internetconsultatie.nl.