Vrijstellingen erf- en schenkbelasting 2026
Bij de verkrijging van een erfenis of schenking geldt er vaak een vrijstelling. Over het bedrag van die vrijstelling hoeft de verkrijger dan (deels) geen erf- of schenkbelasting te betalen. Onderstaand alle bedragen voor 2026 van de vrijstellingen voor de diverse personen en bedrijfsopvolgingsregeling op een rijtje.
Een persoon die iets erft (artikel) of geschonken krijgt kan te maken krijgen met de erf- of schenkbelasting. Is het geschonken of geërfde bedrag namelijk hoger dan de hieronder genoemde vrijstelling(en), dan zal er schenk- of erfbelasting afgedragen moeten worden. Blijft het bedrag onder de vrijstelling, dan is dus geen belasting verschuldigd. Aan de hand van onderstaande vrijstellingen voor 2026 kan dus bepaald worden of wel of geen belasting verschuldigd is.
Vrijstellingen voor de erfbelasting
De vrijstellingen voor de erfbelasting luiden in 2026 als volgt:
- partners: € 828.035
- ouders: € 62.110
- kinderen en kleinkinderen: € 26.230
- invalide kinderen: € 78.671
- overige verkrijgers: € 2.769
Mochten partners een erfenis krachtens erfrecht krijgen, dan gaat de erfbelasting voor de berekening van de belasting uit van een verkrijging door één van de partners.
Vrijstellingen bij schenking
Krijgt iemand in 2026 een schenking, dan kan diegene ook recht hebben op een vrijstelling. De vrijstellingen voor de schenkbelasting zijn in 2026:
- kinderen: € 6.908
- kinderen 18 - 40 jaar eenmalig: € 33.129
- overige verkrijgers: € 2.769
Gebruikt een kind tussen de 18 en 40 jaar de schenking voor een studie, dan geldt er een vrijstelling van maximaal € 69.009.
Vrijstelling bedrijfsopvolgingsregeling
Voor de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) geldt dat er een bedrag van € 1.543.500 is vrijgesteld, daarboven is 75% vrijgesteld. Voor bedrijfsmiddelen die gemengd worden gebruikt geldt een vrijstelling van € 103.000 voor de BOR.