U bent hier

Onderneming & Salaris
Belastingrente van 8% voor VPB is te hoog volgens HR

Belastingrente van 8% voor VPB is te hoog volgens HR

De Hoge Raad heeft beslist dat een belastingrente van 8% voor de vennootschapsbelasting (VPB) te hoog is. Er is door de Staat niet goed gemotiveerd waarom de belastingrente voor de VPB en bronbelasting hoger zou moeten zijn dan die voor andere belastingen (4%). Alle ondernemers die bezwaar hebben ingediend krijgen met terugwerkende kracht het verschil tussen de door hen betaalde 8% en het percentage van 4% dat gold voor de andere belastingen terug.

Sinds oktober 2020 betalen ondernemers voor de VPB en bronbelasting meer belastingrente dan voor andere belastingen. Een ondernemer die het daar niet mee eens was, stapte naar de rechter. Rechtbank Noord-Nederland oordeelde hierover dat de belastingrente die was berekend op een aanslag VPB van 8% in strijd was met het evenredigheidsbeginsel en op 4% moest worden vastgesteld. Dat percentage was in die jaren van toepassing op de andere belastingmiddelen, zoals de inkomstenbelasting. Deze uitspraak leidde tot het indienen van flink wat bezwaren tegen de 'te hoge' belastingrente door ondernemers. De toenmalige staatssecretaris besloot vanwege de vele bezwaren deze als massaal bezwaar aan te wijzen. Er zijn inmiddels 29.500 bezwaren bij de Belastingdienst binnengekomen. 

Verhoging belastingrente naar 8% is onverbindend

De Hoge Raad heeft nu in het voordeel van de ondernemers beslist. Het percentage van 8 dat de Belastingdienst in rekening brengt als ondernemers hun aangifte VPB te laat of onjuist indienen is te hoog. Er is namelijk een lastenverzwaring doorgevoerd bij slechts één groep belastingplichtigen (VPB-plichtigen) zonder goede reden. Deze verzwaring is in strijd met het evenredigheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. Art. 1 onderdeel b Besluit belasting- en invorderingsrente is daarom onverbindend. Er moet een percentage van 4 worden toegepast, het percentage dat ook geldt voor andere belastingen.

Arrest gaat de Staat minstens € 1,3 miljard kosten

Ondernemers die bezwaar hebben ingediend tegen de belastingrente voor de VPB krijgen dus het verschil tussen het tarief van de belastingrente voor de VPB en de andere belastingen retour. De verwachting is dat dit arrest de Staat minstens € 1.3 miljard gaat kosten. 

Na de bezwaren tegen de belastingrente voor de VPB zijn ook een flink aantal bezwaren tegen de belastingrente voor de IB, LB en andere belastingen van 4% ingediend en ook als massaal bezwaar aangewezen. Uit het arrest kan de conclusie worden getrokken dat 4% een acceptabel percentage is. De AG van de Hoge Raad heeft ook al aangegeven dat 4% wat hem betreft niet te hoog is. Maar de Hoge Raad heeft ook over deze 4% het laatste woord.
Hoge Raad, 16 januari 2026, ECLI (verkort): 59