U bent hier

Onderneming & Fiscus
Doe vóór 1 maart aangifte schenkbelasting over 2025

Doe vóór 1 maart aangifte schenkbelasting over 2025

Krijgt iemand een bedrag geschonken dat hoger is dan de schenkingsvrijstelling, dan moet diegene aangifte schenkbelasting doen. Voor schenkingen die in 2025 zijn ontvangen moet deze aangifte uiterlijk 28 februari 2026 binnen zijn bij de Belastingdienst. Om te checken of je aangifte moet doen, vind je de vrijstellingsbedragen in dit bericht.

Een persoon die een schenking krijgt, kan te maken krijgen met de schenkbelasting. De wet kent een aantal vrijstellingsbedragen voor schenkingen en erfenissen (zie hieronder), die jaarlijks worden vastgesteld. Komt het bedrag van de schenking boven de vrijstelling uit, dan moet de ontvanger van de schenking aangifte doen en schenkbelasting afdragen. Aangifte doen voor de schenkbelasting mag op zich op elk moment in het jaar, maar voor schenkingen die in 2025 ontvangen zijn, moet de aangifte wel vóór 1 maart 2026 binnen zijn bij de Belastingdienst. Aangifte doen kan online via Mijn Belastingdienst.

Wel aangifte bij verhoogde vrijstelling 

Blijft het bedrag onder de vrijstelling, dan is er dus geen schenkbelasting verschuldigd. Dan hoeft de ontvanger van de schenking in principe ook geen aangifte te doen. Dat moet echter wél als diegene gebruik wil maken van de verhoogde vrijstellingen (infographic). In de aangifte schenkbelasting vraagt de belastingplichtige dan de verhoogde vrijstelling aan. In dergelijke gevallen moet iemand dus wel aangifte doen, maar hoeft diegene alsnog geen schenkbelasting te betalen. Overigens kan de schenker óók de schenkbelasting voor zijn of haar rekening nemen.

Belastingvrije schenking

Aan de hand van onderstaande vrijstellingen kun je bepalen of er wel of geen belasting verschuldigd is. De vrijstellingen voor de schenkbelasting zijn in 2025 en 2026 als volgt:

  • kinderen: € 6.713 (2025) en € 6.908 (2026);
  • kinderen tussen 18 en 40 jaar eenmalig: € 32.195 (2025) en € 33.129 (2026);
  • overige verkrijgers: € 2.690 (2025) en € 2.769 (2026).

Gebruikt een kind tussen de 18 en 40 jaar de schenking voor een studie, dan geldt er een vrijstelling van maximaal € 67.064 (2025) en € 69.009 (2026). Let op: als een kind van beide ouders afzonderlijk een schenking ontvangt, moet het kind de bedragen van de schenkingen bij elkaar optellen.

Vrijstellingen voor de erfbelasting

Voor de volledigheid zijn hieronder ook de vrijstellingen voor de erfbelasting 2025 en 2026 opgenomen:

  • partners: € 804.698 (2025) en € 828.035 (2026);
  • ouders: € 60.359 (2025) en € 62.110 (2026);
  • kinderen en kleinkinderen: € 25.490 (2025) en € 26.230 (2026);
  • hulpbehoevende kinderen: € 76.453 (2025) en € 78.671 (2026);
  • overige verkrijgers: € 2.690 (2025) en € 2.769 (2026).

Ontvangers van een erfenis moeten ook aangifte erfbelasting doen. De termijn hiervoor hangt samen met de datum van overlijden van de erflater. Ligt de datum van overlijden in 2025 of daarvoor, dan is de aangiftetermijn voor de erfbelasting 8 maanden. Per 2026 is de aangiftetermijn verlengd. Als de datum van overlijden in 2026 ligt, is de aangiftetermijn 20 maanden.