AI levert nog niet op wat werkgevers hopen
Veel werkgevers rekenen zich al rijk met de inzet van AI. Sinds de komst van ChatGPT drie jaar geleden, is het gebruik van AI-technologie op de werkvloer dan ook flink toegenomen. De beoogde winst in productiviteit blijft echter nog uit. Reden voor de OR om de bestuurder kritisch te bevragen over de ingeslagen koers.
Organisaties wereldwijd investeren in AI en voeren het op als reden voor reorganisaties. Werkgevers rekenen op efficiëntere productie, lagere kosten en hogere arbeidsproductiviteit. Toch blijven die effecten tot op heden uit. Uit een groot onderzoek (Firm data on AI 2026) onder 6.000 ceo’s en cfo’s uit de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Australië over het AI-gebruik en het effect daarvan, gaf ruim 80% aan de afgelopen drie jaar binnen de organisatie geen effect op het aantal banen of de productiviteit te zien. Voor de OR dus reden om met de bestuurder in gesprek te gaan over de ingeslagen weg.
OR kan informeren naar de beoogde en gerealiseerde winst
Als de beoogde winst op het gebied van productie, kosten en arbeidsproductiviteit uitblijft, is er een andere aanpak nodig. De OR kan de bestuurder vragen naar een overzicht van de gemaakte investeringen, de concrete doelen die de bestuurder daarmee voor ogen heeft en de winst die dat tot op heden opgeleverd heeft (artikel 31a WOR). Daarnaast kan de OR kritisch meedenken over de gemaakte keuzes. Investeert de bestuurder vooral in de technologie of ook in de vaardigheden en kennis van de werknemers? Bij het doen van een belangrijke investering of bij het invoeren van een belangrijke technologische voorziening, moet de bestuurder de OR bovendien eerst om advies vragen (artikel 25, lid 1h en lid 1k WOR).
Investering in vaardigheden van werknemer blijft achter
Voor een onderzoek van Economist Impact werden 639 senior beslissers uit onder meer Londen, New York, Singapore, Sydney en Tokio ondervraagd. Hieruit blijkt dat werkgevers een transformatie verwachten, maar niet investeren in de vaardigheden van werknemers. Werkgevers vertrouwen vooral op zelfstudie, mentoring of online cursussen. Slechts 16% biedt gestructureerde interne trainingen aan en 21% werkt samen met externe opleidingspartners. Bovendien blijkt slechts 8% uitgebreid beleid (governancekader) ingevoerd te hebben om risico’s rond AI te beheersen, waardoor de verantwoordelijkheid voor het omgaan met fouten of risico’s van AI-systemen bij individuele werknemers ligt. De OR kan op basis van het initiatiefrecht (artikel 23 WOR) een voorstel doen voor een andere invullingen van de opleiding van het personeel. Bij een wijziging van de regeling op het gebied van personeelsopleidingen heeft de OR instemmingsrecht (artikel 27, lid 1f WOR).