U bent hier

Onderneming & Salaris
Vacaturestop ontslaat werkgever niet van herplaatsingsplicht

Vacaturestop ontslaat werkgever niet van herplaatsingsplicht

Een werkgever mag een werknemer in principe alleen ontslaan als hij niet binnen een redelijke termijn kan worden herplaatst in een andere, passende functie. Een vacaturestop ontslaat de werkgever niet van deze herplaatsingsplicht, oordeelde Rechtbank Amsterdam eind 2025.

Een werknemer bij een bank was ruim 24 jaar in dienst toen hij een andere functie ging bekleden (artikel). Bijna anderhalf jaar later concludeerde de werkgever dat de werknemer niet geschikt was voor deze functie. De werknemer haalde zijn targets niet en zou te weinig initiatief nemen en verbetering laten zien. Herplaatsing van de werknemer in een andere functie lag volgens de werkgever niet in de rede, onder meer omdat er een vacaturestop van kracht was. De reden voor de vacaturestop wordt in de uitspraak niet genoemd, al wordt dit middel vaak ingezet bij een reorganisatie, zodat er minder ontslagen vallen. Uiteindelijk diende de werkgever een ontbindingsverzoek wegens disfunctioneren (artikel) in bij Rechtbank Amsterdam.

Onjuiste voorstelling van werkzaamheden

Bij de kantonrechter stelde de werknemer dat er in aanloop naar zijn functiewijziging een onjuiste voorstelling was gegeven van zijn nieuwe werkzaamheden en de daarvoor benodigde specialistische kennis. Hij zou onvoldoende adequate begeleiding hebben gekregen om zijn functioneren te verbeteren, net zo min als een verbetertraject (tool). Bovendien zou de werkgever juist níét aan zijn herplaatsingsplicht hebben voldaan.

Geen deugdelijk verbetertraject gevolgd

De kantonrechter verduidelijkte dat een arbeidsovereenkomst alleen kan worden ontbonden als daar een redelijke ontslaggrond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt. Disfunctioneren was in deze zaak geen redelijke ontslaggrond, oordeelde de rechter. De werkgever had de werknemer namelijk onvoldoende in de gelegenheid gesteld om zijn functioneren te verbeteren door middel van scholing en begeleiding. Bovendien was er geen deugdelijk verbetertraject gevolgd. Zo stond nergens vermeld wat de start- en einddatum van het verbetertraject was en wat de mogelijke consequenties waren als het functioneren niet zou verbeteren.

Herplaatsing buiten het vacaturecircuit

Daarnaast had de werkgever niet aan zijn herplaatsingsplicht voldaan. Zeker gezien de lange en goede staat van dienst en de leeftijd van de werknemer, had het op de weg van de werkgever gelegen om de werknemer intensief te begeleiden naar een andere functie. Hiervan leek geen sprake te zijn. De werknemer had zelfs zonder succes gesolliciteerd op zijn vacante oude functie, waarin hij wél jarenlang goed had gefunctioneerd. Tot slot oordeelde de rechter dat de vacaturestop de werkgever niet ontsloeg van zijn herplaatsingsplicht. Herplaatsing kon namelijk ook plaatsvinden buiten het officiële vacaturecircuit, eventueel voorafgegaan door ‘koffiegesprekken’, een ‘warme introductie’ of door de werknemer werkstages toe te staan, waarom de werknemer tevergeefs had verzocht. Het ontbindingsverzoek werd afgewezen.
Rechtbank Amsterdam, 19 december 2025, ECLI (verkort): 10496