U bent hier

Onderneming & Fiscus
Tijdens pensioentransitie geen pensioenbedrag ineens

Tijdens pensioentransitie geen pensioenbedrag ineens

Werknemers krijgen voorlopig niet de mogelijkheid om op het moment van pensioneren een deel van hun pensioenvermogen in één keer op te nemen. Het kabinet heeft besloten de invoering hiervan uit te stellen tot 1 januari 2029.

In het pensioenakkoord uit 2019 werd voorgenomen om werknemers de mogelijkheid te bieden tot een pensioenbedrag ineens. Dit leidde tot een wetsvoorstel dat regelt dat een pensioendeelnemer maximaal 10% van het pensioen op de pensioendatum op de bankrekening kan laten bijschrijven. Het voorstel voor de Wet herziening bedrag ineens ligt inmiddels al 1,5 jaar bij de Eerste Kamer. De beoogde ingangsdatum ervan is tijdens het wetgevingstraject meerdere keren aangepast. Vorige week kondigde het kabinet in de Voorjaarsnota 2026 opnieuw uitstel aan en minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) heeft dit nu ook bevestigd in een Kamerbrief.

Uitdagende tijd voor pensioenuitvoerders

Het uitstel tot 1 januari 2029 betekent dat de omzetting van plan naar wet minimaal tien jaar zal bestrijken. Aanleiding voor het uitstel is dit keer dat pensioenpartijen erop hebben aangedrongen om het keuzerecht niet in te voeren tijdens de overgang naar het nieuwe pensioenstelsel (artikel). Deze transitie moet uiterlijk 1 januari 2028 zijn afgerond en vraagt veel van de pensioensector. De communicatie en keuzebegeleiding rondom het pensioenbedrag ineens zouden de transitie bemoeilijken. Het ministerie van SZW wil dat zowel de pensioentransitie als de invoering van het pensioenbedrag ineens zo soepel mogelijk verloopt en heeft daarom gehoor gegeven aan de oproep van de pensioenuitvoerders.
Het voorstel zelf is overigens niet onomstreden. Zo bestaat er twijfel over de mate waarin een pensioenbedrag ineens financieel voordelig is voor pensioendeelnemers. Uitstel zou afstel kunnen worden; de Eerste Kamer moet nog stemmen over het wetsvoorstel. Voorlopig betekent het uitstel dat werknemers die vóór 1 januari 2029 met pensioen gaan, géén pensioenbedrag ineens krijgen.