Toch verliesverrekening dankzij beroep op hardheidsclausule
Als belastingregels in specifieke gevallen onbedoeld negatief uitpakken, kunnen belastingplichtigen soms nog een beroep doen op de zogeheten hardheidsclausule. Dankzij een beroep op die clausule mag een bv nu alsnog verliezen verrekenen in de vennootschapsbelasting.
Hardheidsclausules in wetten zijn bedoeld voor specifieke situaties, waarin de regels onevenredig nadelig uitpakken, en die de wetgever niet heeft voorzien of bedoeld. Op fiscaal gebied staat zo'n hardheidsclausule bijvoorbeeld in de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR). De lat voor een geslaagd beroep op de hardheidsclausule ligt wel vrij hoog. Als de wet vanwege persoonlijke omstandigheden nadelig uitpakt of als de belastingplichtige de wet persoonlijk onredelijk vindt, biedt een beroep op de clausule geen soelaas. En ook niet als de wetgever bepaalde gevolgen wel heeft voorzien, maar die voor lief heeft genomen.
Verliezen in de toekomst verrekenen
In dit geval ging het om een moedermaatschappij en een dochtermaatschappij die samen een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting (VPB) vormden. De fiscus ziet de ondernemingen binnen de eenheid als één belastingplichtige, en zij kunnen winsten en verliezen ook onderling verrekenen. Nu werd de moedermaatschappij geliquideerd, en hield de fiscale eenheid voor de VPB dus op te bestaan. De ondernemingen wilden de aan de dochtermaatschappij toerekenbare verliezen ook meegeven aan de dochter, zodat die de verliezen in de toekomst nog kon verrekenen. Dat had ook gekund, alleen hadden de ondernemingen het verzoek daarvoor niet op tijd ingediend. Daarom had de inspecteur het verzoek ook afgewezen.
Beroep op hardheidsclausule
Door dat besluit van de fiscus zouden de verliezen niet meer in aanmerking komen voor verliesverrekening in de VPB (verdiepingsartikel) en dus 'verdampen'. Daarom hadden de ondernemingen met een beroep op de hardheidsclausule het ministerie van Financiën verzocht om de verliezen alsnog mee te mogen geven aan de dochtermaatschappij. En het ministerie heeft dat verzoek nu ingewilligd (pdf).
Verliezen mee met dochterbedrijf
Volgens het ministerie is deze situatie vergelijkbaar met andere vormen van herstructurering van ondernemingen (verdiepingsartikel), zoals een zuivere splitsing. Voor dergelijke situaties is het vast beleid dat de verliezen worden meegegeven aan de vennootschap die de onderneming voortzet. Daarom besluit het ministerie om dat beleid ook voor deze situatie toe te passen. Dat de ondernemingen eerder te laat zijn geweest met het verzoek hiervoor, vindt het ministerie onvoldoende reden om daarvan af te zien. Het is nu aan de inspecteur om de toerekenbare verliezen vast te stellen.