Nieuw feit voor navordering komt binnen via zijdeur
Om gemiste belasting te kunnen navorderen, heeft de inspecteur meestal een ‘nieuw feit’ nodig. En zulke nieuwe informatie kan de inspecteur op allerlei manieren bereiken. Bijvoorbeeld via een hulpvaardig seintje van een andere afdeling van de Belastingdienst.
Als een belastingplichtige geen of te weinig inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting (VPB) afdraagt, kan de inspecteur een navorderingsaanslag opleggen om die gemiste belasting alsnog te innen. Maar daar moet de inspecteur in de meeste gevallen dan wel een nieuw feit (verdiepingsartikel) voor hebben. Ofwel: iets wat de inspecteur ten tijde van de aanslag niet wist of niet kon weten. Dit nieuwe feit mag alleen in bijzondere omstandigheden achterwege blijven, bijvoorbeeld als er sprake is van kwade trouw. Dan mag de Belastingdienst ook navorderen zonder nieuw feit.
Inspecteur heeft onderzoeksplicht
Uit verschillende gerechtelijke uitspraken blijkt dat de fiscus er in het algemeen op mag vertrouwen dat een aangifte juist is ingevuld. Maar de inspecteur heeft wel een onderzoeksplicht. Als er twijfel bestaat over de juistheid van de gegevens, moet de inspecteur daar ook op dat moment nader onderzoek naar doen. Anders is er later geen sprake van een nieuw feit, maar van een oud feit dat de inspecteur simpelweg over het hoofd heeft gezien.
Over de vraag of een nieuw feit wel echt nieuw is, wordt geregeld gesteggeld in de rechtszaal. Want als de belastingplichtige kan aantonen dat de inspecteur geen nieuw feit heeft, valt de basis onder de navordering weg. En dus kan de rechter de navorderingsaanslag naar de prullenbak verwijzen.
Seintje van afdeling VPB over lijfrente
Ook in een recente zaak bij de rechtbank in Arnhem was er discussie over de ‘nieuwigheid’ van informatie. Kort gezegd ging het om een ondernemer die een navorderingsaanslag kreeg voor de inkomstenbelasting, naar een inkomen in box 1 van ruim € 370.000. De man had zijn eenmanszaak in 2018 ingebracht in een nieuwe bv, en bij die bv ook een lijfrente (verdiepingsartikel) bedongen. In de aangifte inkomstenbelasting over 2017 gaf de man een stakingswinst aan en bracht hij lijfrentepremie in aftrek. De fiscus heeft de aanslag over dat jaar geautomatiseerd volgens de aangifte opgelegd. Maar later kreeg de inspecteur van de afdeling VPB een seintje over de hoogte van de lijfrente op de jaarrekening van de nieuwe bv. En naar aanleiding daarvan stelde de inspecteur dat de stakingswinst te laag was vastgesteld en dat de ondernemer bovendien niet voldeed aan de voorwaarden voor de lijfrente. De inspecteur verhoogde de stakingswinst met bijna twee ton en corrigeerde de aftrek voor de lijfrente naar nul.
Eerder geen aanleiding voor onderzoek
Vraag voor de rechtbank was of er hier inderdaad sprake was van een nieuw feit. En volgens de rechter was dat het geval. De aanslag inkomstenbelasting was aanvankelijk geautomatiseerd opgelegd, omdat de aangifte geen aanleiding gaf tot nader onderzoek. Pas later kwam die aanleiding er wél, door het bericht van de afdeling VPB, aldus de rechter. Er was dus sprake van een nieuw feit. Bovendien concludeerde de rechtbank dat de man inderdaad niet voldeed aan de voorwaarden voor de lijfrenteaftrek, dus die correctie van de inspecteur was ook terecht. Al met al bleef de navorderingsaanslag in stand.
Rechtbank Gelderland, 25 februari 2026, ECLI (verkort): 1404