Tweede Kamer stemt in met rechtsvermoeden WVBAR
De Tweede Kamer heeft ingestemd met het voorstel voor de Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden (WVBAR). De WVBAR regelt dat als een zzp’er minder dan € 38 per uur verdient, er een rechtsvermoeden bestaat dat hij eigenlijk een werknemer is.
Oorspronkelijk bestond de WVBAR uit het rechtsvermoeden van werknemerschap én een toetsingskader dat moest verduidelijken wanneer iemand als zzp’er werkt of als werknemer. Dit toetsingskader is echter geschrapt en wordt ‘vervangen’ door het toetsingskader uit het voorstel voor de Zelfstandigenwet. Het rechtsvermoeden is wel behouden in de WVBAR. Doet een zzp’er een beroep op dit rechtsvermoeden, dan is het aan de opdrachtgever om te bewijzen dat er géén sprake is van een arbeidsovereenkomst.
Uurtarief geïndexeerd op basis van cao-loonontwikkeling
Een aangenomen amendement regelt dat het uurtarief waaronder een rechtsvermoeden van werknemerschap bestaat, jaarlijks op basis van de gemiddelde cao-loonontwikkeling wordt geïndexeerd in plaats van op basis van de ontwikkeling van het minimumloon. Dit moet voorkomen dat beleidsmatige aanpassingen onbedoelde gevolgen hebben voor het rechtsvermoeden. Een beleidsmatige verlaging van het wettelijk minimumloon zou er bijvoorbeeld toe kunnen leiden dat een zzp’er met een bepaald uurtarief het rechtsvermoeden niet kan inroepen, terwijl dat daarvoor nog wel mogelijk was.
Het laatste woord over het wetsvoorstel is aan de Eerste Kamer. De bedoeling is dat het rechtsvermoeden van de WVBAR uiterlijk 31 augustus 2026 in werking treedt. Er is geen overgangsrecht; het rechtsvermoeden geldt vanaf inwerkingtreding ook voor bestaande overeenkomsten.
Zelfstandigenwet per 1 januari 2028?
Onlangs werd bekend dat de beoogde ingangsdatum van de Zelfstandigenwet 1 januari 2028 is. Tot die tijd blijft de Belastingdienst handhaven op schijnzelfstandigheid op basis van de negen ‘gezichtspunten’ uit het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad (artikel). Die gezichtspunten wegen allemaal even zwaar, dus ook het gezichtspunt ‘ondernemerschap’, zoals onder meer volgde uit de rechtszaak tussen Uber en vakbond FNV. Organisaties die regelmatig met zzp’ers werken, doen er goed aan de arbeidsrelatie met zzp’ers kritisch te bekijken. Hiervoor zijn diverse hulpmiddelen beschikbaar, zoals de handleiding ‘Zzp ja of nee’ van het ministerie van SZW. Tegelijkertijd moeten ook die hulpmiddelen kritisch worden bekeken.