IMF kritisch op hogere Nederlandse belasting op arbeid
Onderzoekers van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) zetten vraagtekens bij fiscale plannen van het Nederlandse kabinet. Voor de financiering van de 'vrijheidsbijdrage' gaat de belasting op arbeid namelijk omhoog, en volgens het IMF zorgt dat voor economische verstoringen. Ook klinkt er opnieuw kritiek op de hypotheekrenteaftrek.
De IMF-onderzoekers zijn in de eerste helft van mei in Nederland geweest om de staat van de economie en het politieke beleid onder de loep te nemen. In het basisscenario van het IMF groeit de Nederlandse economie dit jaar 1% en in 2027 met 1,3%. Maar mocht de oorlog in het Midden-Oosten langer gaan duren, dan vallen die groeicijfers lager uit. Ook noemt het IMF nog andere (bekende) risico's voor de economie, zoals het overvolle stroomnet en de stikstofproblematiek. En daarnaast als risico aan de beleidskant ook de onzekerheid rondom de parlementaire steun voor de plannen van het minderheidskabinet.
Vrijheidsbijdrage betaald via Aof-premie
Op fiscaal gebied kraken de IMF-onderzoekers enkele kritische noten over de belasting op werk. Daarbij gaat het onder meer om de zogeheten vrijheidsbijdrage die het kabinet wil invoeren. Die heffing is bedoeld om de hogere uitgaven voor defensie mede te financieren. Het kabinet haalt geld op door de schijven in de inkomstenbelasting in 2027 en 2028 niet volledig mee te laten stijgen met de inflatie. Hierdoor komen werkenden eerder in een hogere belastingschijf terecht. Werkgevers betalen de vrijheidsbijdrage via een hogere Aof-premie.
Andere belastingmaatregelen onderzoeken
De IMF-onderzoekers wijzen erop dat deze maatregelen de belasting op werk verhogen, wat werken of meer uren maken minder voordelig kan maken. Ook verhogen de maatregelen de loonkosten voor werkgevers. De onderzoekers adviseren om in plaats van de hogere belasting op werk te kijken naar andere maatregelen die in de ogen van het IMF minder verstorend zijn voor de economie. Daarbij wijzen zij bijvoorbeeld op de plannen om de verlaagde BTW-tarieven op sommige producten te schrappen en de plannen voor een suikerbelasting. Ook zou het kabinet meer werk moeten maken van het snoeien in inefficiënte belastingvoordelen.
Vaart maken met box 3-hervorming
Verder stippen de IMF-rapporteurs ook de slepende discussie over de heffing in box 3 van de inkomstenbelasting aan. Voorlopig geldt er nog steeds een overgangsregime, totdat er uiteindelijk een systeem is dat het werkelijke rendement op vermogen belast. Dat overgangsregime is kwetsbaar en administratief ingewikkeld, constateert het IMF. Er is dus werk aan de winkel, want de hervorming van box 3 tot een stabiel en juridisch houdbaar systeem maken is van groot belang voor het vertrouwen van investeerders en het toekomstperspectief van belastingplichtigen.
Kritiek op hypotheekrenteaftrek
Ook uiten de IMF-onderzoekers – niet voor het eerst overigens – kritiek op de Nederlandse hypotheekrenteaftrek. De relatief hoge hypotheekschuld van huishoudens vormt volgens het fonds een economisch risico en drijft bovendien de huizenprijzen op. Het IMF adviseert daarom om het plafond voor wat iemand mag lenen voor de aankoop van een woning te verlagen. Nu is deze loan-to-value 100% in Nederland, waarbij iemand dus 100% van de woningwaarde mag lenen. Volgens het IMF zou dat 90% moeten worden.
Pluim voor energiemaatregelen
Wel krijgt het kabinet een pluim voor de maatregelen die de stijgende energiekosten enigszins moeten dempen. Het pakket bevat gerichte maatregelen, en dat is goed volgens het IMF. Meer algemene maatregelen, zoals een BTW- of accijnsverlaging, zijn een grote kostenpost voor de schatkist. En daarnaast zouden deze ingrepen prijsprikkels ondermijnen die juist een stimulans zijn voor de energietransitie, schrijven de onderzoekers.