U bent hier

Onderneming & Salaris
Invoering, wijziging én uitstel van Europese AI-regels

Invoering, wijziging én uitstel van Europese AI-regels

Afgelopen week zijn transparantieregels voor AI van kracht geworden. In diverse situaties moet nu duidelijk worden gemaakt dat er sprake is van AI. Voor HR lijken die regels geen grote invloed te hebben, máár er zijn ook nog een aantal andere, relevantere wijzigingen.

Sinds 2 augustus 2026 geldt artikel 50 van de AI Act. Deze verordening van de Europese Unie stelt regels aan het ontwikkelen en gebruiken van AI. Artikel 50 bevat transparantieregels voor aanbieders en gebruiksverantwoordelijken van AI-systemen. Als mensen rechtstreeks met een AI-systeem communiceren, moet in principe duidelijk zijn dat ze met AI te maken hebben. Dit geldt bijvoorbeeld voor de vele publieke chatbots en AI-assistenten op bedrijfssites.

Niet elke hulp van AI moet benoemd worden

Organisaties die AI-systemen inzetten, hebben in bepaalde situaties zelf ook een informatieplicht. Dit speelt onder meer bij AI voor emotieherkenning, het maken van deepfakes en de publicatie van teksten om te informeren over ‘aangelegenheden van algemeen belang’. Bij dit laatste voorbeeld vervalt de transparantieverplichting als de AI-content door een mens gecontroleerd is en iemand redactioneel eindverantwoordelijk is. Ook voor de andere transparantieverplichtingen zijn in artikel 50 zulke uitzonderingen en voorwaarden te vinden.
Voor HR-afdelingen kunnen de regels bijvoorbeeld relevant zijn bij de werving en selectie. Als sollicitanten op een werkenbij-site (artikel) met een AI-chatbot communiceren, moet voor hen duidelijk zijn dat er AI in het spel is. Stelt de werkgever een vacaturetekst met behulp van AI op, dan hoeft hij dat in principe niet te vermelden. Nog los van de vraag of er een algemeen belang is, zal doorgaans iemand de tekst inhoudelijk checken en ervoor verantwoordelijk zijn.

Minder strikte regels voor AI-geletterdheid

Via de zogenoemde AI Omnibus zijn er aan het begin van de zomer een aantal zaken gewijzigd in de AI-verordening. Voor werkgevers is het goed om te weten dat artikel 4 per 27 juli 2026 is aangepast. Daarin staan regels voor AI-geletterdheid (artikel): de kennis en vaardigheden om bewust en veilig met AI om te gaan. Eerder verplichtte de verordening organisaties om maatregelen te nemen om, zo veel als mogelijk, te zorgen voor een ‘toereikend niveau’ van AI-geletterdheid bij hun werknemers en andere personen die namens hen AI exploiteren of gebruiken. Die regel is afgezwakt door de zinsnede over een toereikend niveau uit de verordening te halen. Werkgevers moeten de ontwikkeling van AI-geletterdheid nog wel ondersteunen, maar ze hoeven niet langer een bepaald niveau van AI-geletterdheid te waarborgen. Dit moet de regeldruk beperken.

Regels voor hoog-risico AI gaan later in

De AI Omnibus heeft er ook voor gezorgd dat twee andere onderdelen van de AI-verordening later ingaan (infographic). De regels voor bepaalde hoog-risico AI zijn uitgesteld tot 2 december 2027, en de plichten rond hoog-risico AI in sommige bestaande gereguleerde producten zijn verschoven naar 2 augustus 2028. Onder hoog-risico AI vallen verschillende AI-systemen voor HR-professionals. Denk aan AI voor gerichte vacatureplaatsing, selectie of beoordeling van sollicitanten. Of AI voor beslissingen rond arbeidsovereenkomsten, arbeidsvoorwaarden, taakverdeling of monitoring en evaluatie van werknemers. De AI Act kent hiervoor strenge eisen op het gebied van transparantie, menselijke controle, veiligheid en datakwaliteit. Als niet aan die eisen kan worden voldaan, mag het systeem niet worden ingezet. HR-afdelingen moeten zich daarin verdiepen.