Door onjuiste aangifte omkering bewijslast voor hele aanslag
De Hoge Raad heeft aangegeven dat de omkering en verzwaring van de bewijslast voor de gehele aanslag van toepassing is als de vereiste aangifte niet is gedaan. De inspecteur hoeft de bewijslast dan niet te beperken tot de onderdelen van de aanslag waarop het gebrek betrekking heeft.
De Belastingdienst moet in principe met bewijs komen dat een aangifte of aanslag niet klopt. Maar als de bewijslast (artikel) kan worden omgekeerd moet de belastingplichtige aantonen dat een aanslag niet klopt. In onderstaande zaak ging het om de vraag of die bewijslast voor de hele aanslag mocht worden omgekeerd of alleen voor de gebreken in de aangifte.
Factuur zonder tegenprestatie meegenomen in aangifte
Het ging hier om een bv die aangifte voor de vennootschapsbelasting (VPB) deed voor 2015. Het belastbare bedrag was € 374.423. Ondanks het feit dat de fiscus had laten weten dat er een boekenonderzoek zou volgen voor dit jaar werd de aanslag VPB 2015 toch al geautomatiseerd opgelegd waarbij de aangifte werd gevolgd. Na het boekenonderzoek volgde een navorderingsaanslag met een belastbaar bedrag van ruim € 2,1 miljoen. De daarin opgenomen correcties bedroegen € 940.000 voor advieskosten, € 635.000 voor commissie en trainingskosten en een winstuitdeling van (na aftrek van kosten) € 169.929. Een deel van de correcties ging om € 250.000 aan advieskosten. Daarvan gaf de bv toe dat deze factuur niet was betaald, dat er ook geen tegenprestatie was geleverd en dat deze per vergissing in de administratie was opgenomen. Vraag in deze zaak was of de inspecteur wel mocht navorderen en of de bewijslast voor de gehele aanslag mocht worden omgekeerd of alleen voor de geschilpunten.
Navordering wegens kenbare fout
Volgens de Hoge Raad mocht de inspecteur navorderen, omdat de te weinig geheven belasting ten minste 30% van de verschuldigde belasting bedroeg. Dan wordt verondersteld dat de fout voor de bv kenbaar is. Alleen als de bv bij ontvangst van de aanslag redelijkerwijs mocht aannemen dat deze toch juist was, kon dat anders zijn. Dit speelde hier echter niet. De bv wist dat de aftrek van € 250.000 fout was.
Omkering bewijslast is voor de hele aanslag
Is er sprake van inhoudelijke gebreken (zoals in deze zaak onder andere de foute factuur), dan is de vereiste aangifte niet gedaan als de volgens de aangifte verschuldigde VPB aanzienlijk lager is dan de werkelijk verschuldigde belasting en de bv dit wist of had moeten weten. In deze zaak was daar sprake van, dus gold de omkering en verzwaring van de bewijslast voor de hele aanslag volgens ons hoogste rechtsorgaan. Er was volgens de rechter hier namelijk geen reden om de bewijslast te beperken tot alleen de onderdelen waarop het gebrek betrekking had. Hiervan zou alleen sprake kunnen zijn als de vereiste aangifte ontbrak doordat een vraag in het aangiftebiljet niet of onjuist was beantwoord. Dan zou de omkering wel beperkt kunnen blijven tot de onderdelen waarop het gebrek betrekking had. Het cassatieberoep van de bv was dus ongegrond. De navordering bleef in stand.
Hoge Raad, 9 oktober 2026, ECLI (verkort): 1484