U bent hier

Onderneming & Fiscus
Geen beperking renteaftrek bij veto

Geen beperking renteaftrek bij veto

Er is alleen sprake van een economische eenheid als de leiding van de groep de bedrijfsvoering bij alle groepsonderdelen kan bepalen. Zo niet, dan is de renteaftrekbeperking voor de vennootschapsbelasting (vpb) – oftewel de thincapitalisationregeling – ook niet van toepassing. Het bezit van een meerderheid van de aandelen is dus niet voldoende. Gerechtshof Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan in een zaak waarin dit speelde.

De thincapitalisation regeling houdt in dat de rente van geldleningen niet volledig aftrekbaar is als bij de bv sprake is van een teveel aan vreemd vermogen. Er is sprake van een te veel aan vreemd vermogen als het gemiddeld vreemd vermogen in een jaar meer bedraagt dan driemaal het gemiddeld eigen vermogen in datzelfde jaar. Dit meerdere moet dan hoger zijn dan € 500.000. De thincapregeling is alleen van toepassing als de bv deel uitmaakt van een groep in de zin van het Burgerlijk Wetboek met andere rechtspersonen en vennootschappen. In het Burgerlijk Wetboek staat een groep omschreven als een economische eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden.

Meerderheidsaandeelhouder zou beleid kunnen bepalen

In bovengenoemde zaak was sprake van een bv in de horecabranche met twee aandeelhouders die daarnaast elk hun eigen horecaonderneming hadden. De ene aandeelhouder had 60% van de aandelen in handen en de andere de rest. Bij de behandeling van de aangifte vpb van de bv, stelde de inspecteur dat de thincapitalisationregeling van toepassing was. Hierdoor zou de bv de rente over een lening die was verstrekt door de onderneming van de grootste aandeelhouder niet mogen aftrekken. De bv maakte bezwaar, maar de inspecteur was onvermurwbaar. In de beroepszaak gaf de rechter de inspecteur gelijk. Er was volgens de rechter sprake van een economische eenheid tussen de bv en de onderneming van de grootste aandeelhouder. Dit omdat deze aandeelhouder door zijn meerderheidsbelang volledige zeggenschap had over het beleid van de bv. Hierbij speelde ook mee dat deze aandeelhouder een veel hogere managementvergoeding kreeg. Hof Den Haag beoordeelde dit in hoger beroep echter anders.

Minderheidsaandeelhouder had inspraak

Volgens het hof was er echter helemaal geen sprake van een economische eenheid en de thincapitalisationregeling dus ook niet van toepassing. De rechter vond dat er sprake was van een jointventure en de aandeelhouder met het grootste aandelenkapitaal kon niet zomaar beslissingen nemen over de bedrijfsvoering binnen de horeca-bv zonder toestemming van de andere aandeelhouder. De bv mocht dus alsnog de renteaftrek toepassen.
Gerechtshof Den Haag, 26 mei 2010, LJN: BM6503