U bent hier

Onderneming & Salaris
Geen belastingrente tot 1 april bij correctie loonaangifte 2018

Geen belastingrente tot 1 april bij correctie loonaangifte 2018

Een werkgever betaalt geen belastingrente als hij vóór 1 april 2019 een fout in de loonaangifte over 2018 corrigeert. De correctie moet hij dan wel op eigen initiatief doen of op verzoek van de Belastingdienst.

Als de Belastingdienst een correctieverzoek aan een werkgever stuurt over een loonaangifte over 2018, kan hij daarbij belastingrente (tool) rekenen. Dit bedrag ontvangt de fiscus als vergoeding voor gemiste rente doordat een betaling lang op zich laat wachten. Voldoet de werkgever vóór 1 april 2019 echter vrijwillig aan dit correctieverzoek, dan blijft de belastingrente buiten beschouwing. Ook als een werkgever zelf een fout in een aangifte van vorig jaar ontdekt en deze op eigen initiatief vóór deze datum corrigeert, betaalt hij geen belastingrente.

Bezwaar maken binnen zes weken

Voor een ontdekte fout of onvolledigheid moet de werkgever bij de eerstvolgende of daaropvolgende aangifte een correctie meezenden. Lukt het de werkgever dit niet vóór 1 april 2019 te doen, dan zal de Belastingdienst wel belastingrente gaan rekenen. De rente van 4% gaat over de periode vanaf 1 januari 2019 tot en met de datum waarop de werkgever de naheffingsaanslag (tool) uiterlijk betaald moet hebben. In de praktijk is dit veertien kalenderdagen na de datum van de naheffingsaanslag.
Als een werkgever het niet eens is met de opgelegde belastingrente, kan hij bezwaar maken (tool). Hij moet dat binnen zes weken na de datum van de aanslag doen.

Belastingrente voor de werkgever

Een werkgever kan ook zelf gecompenseerd worden, als hij (te) lang moet wachten op geld van de Belastingdienst. Als hij heeft aangegeven dat hij in 2018 te veel loonheffingen heeft betaald (tool), moet de Belastingdienst binnen acht weken een teruggaafbeschikking vaststellen. Doet hij dit niet op tijd, dan rekent de fiscus belastingrente vanaf acht weken na ontvangst van het verzoek van de werkgever tot veertien dagen na de datum van de beschikking.