U bent hier

Onderneming & Arbo
Let op 183-dagenregeling bij meer inzet in het buitenland!

Let op 183-dagenregeling bij meer inzet in het buitenland!

Als een werknemer ineens veel meer in het buitenland werkt dan eigenlijk verwacht – bijvoorbeeld door de coronacrisis – kan dat gevolgen hebben voor welk land de belasting over zijn loon mag heffen. Dat kan voor Nederlandse werkgevers betekenen dat zij ineens geen belasting meer mogen inhouden en afdragen. Gaat een werknemer juist veel meer thuiswerken in zijn woonland, dan mag de werkgever juist wél belasting gaan inhouden en afdragen.

In de meeste belastingverdragen staat dat het land waar een werknemer werkt, het recht heeft om belasting te heffen. Voor een werknemer die in Nederland woont en voor een Nederlandse organisatie in België werkt, mag de Nederlandse werkgever in principe dus geen loonbelasting/premie volksverzekeringen inhouden en afdragen aan de Belastingdienst. De werknemer moet zijn inkomen zelf opgeven in België.

Uitzondering op basisregel

Op die basisregel bestaat 1 uitzondering: het woonland van de werknemer mag de belasting heffen als aan 3 voorwaarden wordt voldaan:

  • De werknemer verblijft binnen een bepaalde periode – vaak een jaar of een kalenderjaar – niet langer dan 183 dagen in zijn werkland. Dat is gemiddeld 3,5 dag per week. Alle dagen tellen mee en een dagdeel telt als een volledige dag. Brengt de werknemer een dagje shoppend in Nederland door of gaat hij in zijn vakantie een week naar een Waddeneiland, dan tellen die dagen dus ook!
  • De werkgever die het loon betaalt, is niet gevestigd in het werkland. Voor de Belgische werknemer geldt dus dan hij niet voor een Nederlandse organisatie in Nederland werkt, maar bijvoorbeeld voor een Belgische, Franse of Duitse organisatie in Nederland.
  • Het loon komt niet ten laste van de winst van een vaste inrichting of een vaste vertegenwoordiger van de werkgever in het werkland.

Deze 3 voorwaarden staan samen bekend als de 183-dagenregeling.

Belasting heffen door coronacrisis

Door de coronacrisis zou het ineens zo kunnen zijn dat de werknemer die in Nederland woont en voor een Nederlandse organisatie in België werkt, niet langer voldoet aan de 183-dagenregeling. Hij werkt – bijvoorbeeld in de zorg – ineens veel meer en verblijft daardoor ook meer dan 183 dagen in de periode in België. Of hij keert niet elke avond terug naar huis, maar blijft in België om zich niet onnodig te verplaatsen. In dat geval mag het woonland – Nederland – en de Nederlandse werkgever dus niet langer belasting inhouden en afdragen, maar moet de werknemer zelf zijn inkomsten opgeven aan de Belgische Belastingdienst.

Meer thuiswerken kan ook

Andersom werkt dit natuurlijk ook! Doet de werknemer normaal gesproken zelf zijn Belgische aangifte, omdat hij te veel dagen in België verblijft om te voldoen aan de 183-dagenregeling, dan zou dat nu weleens kunnen veranderen. Hij werkt nu bijvoorbeeld niet of hij werkt volledig vanuit huis en voldoet ineens wel aan de voorwaarden. Uw organisatie kan dan loonbelasting/premie volksverzekeringen inhouden en afdragen of de werknemer kan er zelf voor kiezen om niet in België, maar in Nederland aangifte te doen. Let op: maakt u gebruik van de 183-dagenregeling, dan moet u wel kunnen bewijzen dat aan de voorwaarden voldaan is!