U bent hier

Onderneming & Arbo
SER: zet AI op een verantwoorde manier in

SER: zet AI op een verantwoorde manier in

De inzet van AI biedt grote kansen, bijvoorbeeld voor het verhogen van de arbeidsproductiviteit en het verlagen van de werkdruk. Het is wel zaak dat AI op een verantwoorde manier wordt ingezet, schrijft de Sociaal-Economische Raad (SER) in een adviesrapport.

Begin 2024 vroeg het kabinet de SER om advies over de kansen en risico’s van AI op het gebied van werk. Deze adviesaanvraag heeft geresulteerd in het rapport ‘AI en werk – Samen naar een werkende toekomst met AI’ (pdf). In het rapport staat dat AI de brede welvaart in Nederland kan bevorderen, maar dat het niet roekeloos ingezet en ontwikkeld moet worden. AI brengt immers ook de nodige risico’s met zich mee (artikel), onder meer voor de werkgelegenheid en inkomens(on)gelijkheid. Werkgevers en werknemers – zowel in het bedrijfsleven als bij de overheid – spelen een belangrijke rol bij de verantwoorde ontwikkeling en inzet van AI.

Vier hoofdaanbevelingen voor werken met AI

Een juiste AI-inzet kan helpen de achterblijvende productiviteitsgroei, de arbeidsmarktkrapte en de hoge werkdruk aan te pakken. Daarnaast kan AI bijdragen aan het toegankelijker maken van werk voor mensen met een beperking of niet-Nederlandstaligen, het creëren van veiligere arbeidsomstandigheden en het ontwikkelen van nieuwe diensten, markten en/of verdienmodellen. Om de kansen te benutten, risico’s te beperken en mensen mee te nemen, doet de SER vier hoofdaanbevelingen aan het kabinet, maar bijvoorbeeld ook aan het bedrijfsleven en het onderwijs:

  1. Investeer in AI. Overheid en bedrijfsleven moeten meer investeren in wetenschap, onderzoek, de digitale infrastructuur en innovatie, en bovendien de samenwerking zoeken met Europa. Het mkb, waar AI-gebruik nog geen gemeengoed is, heeft praktische ondersteuning nodig. Bijvoorbeeld via netwerken waarin werkgevers ervaringen en kennis kunnen uitwisselen.
  2. Faciliteer waardig werk. AI laat werk(processen) veranderen of verdwijnen, maar creëert ook werk. Het verantwoord en effectief inzetten van AI begint bij het vroeg betrekken van werknemers bij de implementatie en ontwikkeling ervan, zodat ze goed voorbereid zijn op de veranderingen. Ook moeten werkgevers het menselijke toezicht op AI-toepassingen goed regelen.
  3. Blijf leren. Om mensen mee te nemen in de digitale transitie, moeten overheid, onderwijs en werkgevers samen actiever aan de slag met (bij)scholing en een leven lang ontwikkelen. Het is aan werkgevers om werknemers een passend leeraanbod aan te bieden.
  4. Wees voorbereid op veranderingen. De overheid moet actief onderzoeken en monitoren wat de inzet van AI betekent voor werk, inkomensverdeling en sociale zekerheid. AI kan bepaalde sectoren, beroepen en sociaal-economische groepen onevenredig hard benadelen. AI moet niet tot (meer) polarisering in de samenleving leiden.

Werknemers moeten voldoende AI-geletterd zijn

De SER benadrukt dat het moeilijk is om de exacte impact van AI op het werk te voorspellen. Dat komt onder meer doordat de techniek relatief gezien nog in de kinderschoenen staat en door de enorme en immer groeiende variëteit in AI-tools en -toepassingen. Volgens het ‘Future of Jobs Report 2025’ van het World Economic Forum verdwijnen er door digitalisering en AI de komende vijf jaar wereldwijd 92 miljoen banen en komen er 170 miljoen banen bij. Werknemers zullen zich moeten ontwikkelen, of dat nu is voor een veranderende baan of voor een andere baan. Als werkgevers nog niet begonnen zijn met de AI-ontwikkeling van werknemers (en/of de organisatie), doen ze er goed aan om daar niet te lang mee te wachten. Sinds februari van dit jaar is het al verplicht om te zorgen dat werknemers die AI gebruiken of ontwikkelen, voldoende ‘AI-geletterd’ zijn (artikel).