U bent hier

Organisatie & Leidinggeven
Huis voor Klokkenluiders dringt aan op afronding Wbk

Huis voor Klokkenluiders dringt aan op afronding Wbk

Het Huis voor Klokkenluiders pleit bij de informateur van het kabinet voor een volledige implementatie van de Wet bescherming klokkenluiders (Wbk). Daarmee zou het Huis de wettelijke taak en bevoegdheden krijgen om toezicht te houden en waar nodig sancties op te leggen. Dat is hard nodig, vindt het Huis.

Voor de val van het kabinet was het ministerie van Binnenlandse Zaken begonnen met de implementatie van de Wet bescherming klokkenluiders, die begin 2023 de Wet Huis voor Klokkenluiders verving. Die implementatie is echter nog niet afgerond. Hierdoor is de toezichts- en sanctietaak met bijbehorende bevoegdheden voor het Huis voor Klokkenluiders, die volgt uit een amendement uit 2022, ook nog niet opgenomen in de wet.

Aanvullende regelgeving in Wbk is nodig

Zolang de taak en bevoegdheden voor het Huis om toezicht te houden en sancties te kunnen opleggen als een werkgever het verbod op benadeling van een klokkenluider schendt niet is vastgelegd in de wet, biedt de Wbk melders van een vermeende misstand onvoldoende rechtsbescherming. In een brief aan informateur Buma (pdf) dringt het Huis er daarom op aan dat de formerende partijen en het toekomstige kabinet haast maken met de volledige implementatie van de Wbk.

Klokkenluider ervaart vaak nare gevolgen van melding

Een goede rechtsbescherming van melders is van groot belang. Er gaan immers veel dingen mis in de maatschappij. Denk aan de toeslagenaffaire of de vele meldingen van grensoverschrijdend gedrag. In 2024 ontving het Huis 467 meldingen van vermoedens van een misstand in de organisatie, een verdubbeling ten opzichte van twee jaar daarvoor. En nog altijd krijgen veel klokkenluiders na hun melding te maken met benadeling op het werk, zoals pestgedrag, intimidatie, beëindiging van het dienstverband of bedreiging. Daar wil het Huis tegen kunnen optreden, zodat melders vermeende misstanden aan de kaak kunnen stellen zonder dat dit nadelige gevolgen voor hen heeft.

OR heeft instemmingsrecht bij klokkenluidersregeling

Elke organisatie in Nederland met 50 of meer werknemers is volgens de Wbk verplicht om een regeling te hebben voor het melden van vermoedens van misstanden in de organisatie, de ‘klokkenluidersregeling’. Heeft de organisatie nog geen klokkenluidersregeling of voldoet de regeling niet aan de eisen die de Wbk hieraan stelt? Kaart dit dan aan bij de bestuurder (initiatiefrechtartikel 23 WOR). De OR heeft instemmingsrecht als de bestuurder een interne meldprocedure wil invoeren, wijzigen of intrekken (artikel 27, lid 1m WOR), dus de bestuurder kan hierbij niet om de OR heen.