U bent hier

OR & Medezeggenschap
Bijna alle klokkenluiders ervaren benadeling na melding

Bijna alle klokkenluiders ervaren benadeling na melding

In 2025 meldden bijna 700 mensen zich bij het Huis voor Klokkenluiders, omdat zij een misstand in de organisatie vermoedden. 9 op de 10 klokkenluiders kregen na hun melding te maken met benadeling.

Vorig jaar namen 697 mensen contact op met het Huis voor Klokkenluiders voor advies, omdat zij meenden dat er sprake was van een misstand op het werk. Dat blijkt uit het jaarverslag 2025, dat het Huis deze week publiceerde. Dat is een forse stijging ten opzichte van 2024, toen het Huis 467 meldingen ontving. De vermoedens van misstanden gingen vooral over:

  • valsheid in geschrifte, onjuiste informatie verschaffen of achterhouden van informatie;
  • fraude, verduistering, diefstal, corruptie;
  • onjuist gebruik overheidsgeld;
  • belangenverstrengeling;
  • product en productieveiligheid;
  • AVG-schendingen;
  • angstcultuur, machtsmisbruik;
  • grensoverschrijdend gedrag (pesten, discriminatie, intimidatie).

Benadeling ondanks wettelijk verbod

Omdat het om zaken gaat die de samenleving kunnen raken, is het van belang dat mensen zich vrij voelen om vermeende misstanden aan de kaak te stellen. Volgens de Wet bescherming klokkenluiders (verdiepingsartikel) mogen deze zogenaamde klokkenluiders daarom geen nadeel ondervinden van hun melding. Toch kregen maar liefst 9 op de 10 klokkenluiders te maken met een vorm van benadeling nadat zij hun vermoedens van een misstand bij het Huis voor Klokkenluiders hadden gemeld. Zij werden bijvoorbeeld overgeplaatst, op non-actief gesteld of ontslagen.

Meldprocedure is verplicht, maar veel werkgevers hebben er geen

Werkgevers moeten een meldprocedure hebben die voldoet aan de eisen van de Wet bescherming klokkenluiders (Wbk). In zo’n zogenoemde klokkenluidersregeling moet onder meer staan waar de melder met zijn vermoeden van een misstand terecht kan, hoe de melding in behandeling wordt genomen en dat de melder recht heeft op bescherming. Veel werkgevers blijken echter geen meldprocedure te hebben. Bovendien is het hebben van een goede meldprocedure niet voldoende. De werkgever moet de regeling ook zorgvuldig toepassen en erop toezien dat een melder niet wordt benadeeld. Ook daar schort het in de praktijk vaak aan.

Huis voor Klokkenluiders dringt aan op toezicht en handhaving

Het Huis voor Klokkenluiders verwacht niet dat de situatie zal verbeteren, zolang er geen consequenties zijn verbonden aan het verbod op benadeling of het niet hebben van een goede meldregeling. Het Huis dringt bij de overheid al jaren aan op handhaving van de Wet bescherming klokkenluiders, maar de implementatie van de Wbk is nog altijd niet rond. Hierdoor heeft het Huis ook nog geen bevoegdheden om toezicht te houden en waar nodig sancties op te leggen.

OR kan bijdragen aan opstellen en naleven van klokkenluidersregeling

De ondernemingsraad (OR) kan er binnen de eigen organisatie aan bijdragen dat er een goede meldprocedure komt. Zo’n regeling is verplicht als de organisatie 50 of meer werknemers telt. Ga na of jullie organisatie een klokkenluidersregeling heeft en of deze voldoet aan de eisen die de Wbk hieraan stelt. Is dit niet het geval? Kaart dit dan aan bij de bestuurder (initiatiefrecht, artikel 23 WOR). De OR heeft bovendien instemmingsrecht als de bestuurder een interne meldprocedure wil invoeren, wijzigen of intrekken (artikel 27, lid 1m WOR).