U bent hier

OR & Medezeggenschap
RIVM schetst toekomst van sport en bewegen

RIVM schetst toekomst van sport en bewegen

Het RIVM onderzocht in opdracht van het ministerie van VWS waar toekomstig beleid voor sport en bewegen aan moet voldoen. In dat beleid moeten volgens het instituut tot 2040 vier thema’s centraal staan. De vergrijzing drukt hierop een duidelijk stempel.

Het huidige beleid voor sport en bewegen loopt af. Met toekomstig beleid wil de overheid mensen stimuleren meer te bewegen. Daarom vroeg het ministerie van VWS aan het RIVM om te onderzoeken welke maatschappelijke ontwikkelingen invloed hebben op sport en bewegen richting het jaar 2040. De resultaten zijn te vinden op de site sportenbewegenincijfers.nl. Vergrijzing is een van die bepalende ontwikkelingen. Een oudere bevolking zal immers minder bewegen. Dat kan negatieve gevolgen hebben voor de volksgezondheid en voor de zorgkosten. Om die laatste te kunnen inschatten breidde het RIVM een bestaand rekenmodel uit.

Vier beleidsthema’s

Het RIVM komt tot vier thema’s voor nieuw beleid en keek voor elk van deze thema’s welke ontwikkelingen er spelen. De vergrijzing heeft op alle thema’s invloed. Daarnaast spelen nog andere ontwikkelingen:

  1. sport- en beweeggedrag – individualisering en welvaartsverdeling;
  2. sportbeleving – digitalisering en individualisering;
  3. sport- en beweegaanbieders – druk op de zorg en individualisering;
  4. sport- en beweegomgeving – verstedelijking en meer diversiteit.

Ouder worden bepaalt voor een groot deel de manier van bewegen en de hoeveelheid beweging. Die invloed is al merkbaar vanaf het veertigste levensjaar. Mensen krijgen vaker blessures en gaan beweging vermijden.

Bewegen op het werk

Hoewel de verkenning voor een groot deel gepensioneerden betreft, vallen er voor werkgevers wel aanknopingspunten uit te halen. Gedrag lijkt het beste touwtje om aan te trekken als het gaat om het stimuleren van bewegen. De invloed van de werkgever op individuele leefstijlkeuzes en de gezondheid van de werknemer is weliswaar beperkt, maar niet nihil. Daarbij is het goed om in te spelen op de sportbeleving en gebruik te maken van digitale hulpmiddelen. Aansluiten bij individuele behoeften en een financiële tegemoetkoming helpen ook mee. Digitalisering zorgt voor persoonlijk afgestemde trainingsschema’s en digitale incentives kunnen een extra zetje geven om in beweging te komen.