U bent hier

Organisatie & Leidinggeven
…
Bijtelling bij intrekken Verklaring geen privégebruik?

Bijtelling bij intrekken Verklaring geen privégebruik?

Als een werknemer in eerste instantie een ‘Verklaring geen privégebruik auto’ heeft, maar later in het jaar toch privé met een (andere) auto van de zaak gaat rijden, heeft dat gevolgen voor de bijtelling. Hoe zit dit precies? Forum Salaris stelde die vraag onlangs, maar de meeste respondenten gaven een fout antwoord.

De situatie die in de peiling centraal stond was als volgt: een werknemer rijdt tot en met augustus in een auto van de zaak waarvoor hij een Verklaring geen privégebruik auto heeft en een rittenregistratie bijhoudt. Vervolgens krijgt de werknemer per 1 september een andere auto. Met de nieuwe auto van de zaak gaat de werknemer meer dan 500 kilometer privé rijden in het kalenderjaar. Hij trekt daarom de verklaring in en de werkgever past vanaf 1 september bijtelling voor het privégebruik toe.

Wel bijtelling, geen correctiebericht

Maar hoe zit het vervolgens met de bijtelling voor de eerste auto van de zaak die de werknemer tot en met augustus uitsluitend zakelijk gebruikte? Een groot deel van de respondenten bij de peiling van Forum Salaris dacht dat de bijtelling niet geldt voor de eerste auto (20%), of dat de bijtelling wel geldt voor januari tot en met augustus en dat de werkgever een correctiebericht moet indienen (48%).
Het juiste antwoord is echter dat voor de eerste auto de bijtelling geldt over januari tot en met augustus, en dat de werknemer hiervoor een naheffingsaanslag van de Belastingdienst ontvangt. De werkgever hoeft geen correctiebericht in te dienen.

Bijtelling voor alle auto’s in het kalenderjaar

Als een werknemer in een kalenderjaar meer dan 500 kilometer privé rijdt, dan geldt de bijtelling voor privégebruik namelijk voor alle auto’s die de werknemer in dat jaar ter beschikking heeft gehad. De bijtelling geldt dus ook voor de eerste auto, waarvoor de werknemer de Verklaring geen privégebruik auto (artikel) had.
Als de werknemer de verklaring intrekt, weet de Belastingdienst hoe het zit. De werknemer ontvangt een naheffingsaanslag van de fiscus voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen, de premies werknemersverzekeringen en de bijdrage Zorgverzekeringswet (ZVW) over de loontijdvakken januari tot en met augustus. De werkgever hoeft niet achteraf nog werkgeversheffing ZVW en premies werknemersverzekeringen te betalen en hoeft daarom geen correctieberichten in te dienen.