5.2 Consequenties
hoogte uitkering
meewegen
Het worden van eigenrisicodrager voor de ZW houdt in dat een organisatie zelf het uitkeringsrisico gaat dragen voor (ex-)werknemers die bij ziekte recht hebben op een ZW-uitkering. Ook de re-integratielasten vallen onder het risico, evenals overlijdensuitkeringen aan nabestaanden van werknemers met een ZW-uitkering die onder het eigen risico vallen. De uitkeringshoogte is 70% van het (maximum)dagloon (zie ook paragraaf 3.2). Tegenover het opnemen van het ziekterisico staat dat een organisatie een lagere premie Whk gaat betalen, omdat het ZW-deel van de Whk-premie niet meer verschuldigd is. Bij eigenrisicodragerschap hoeft een organisatie het ziekterisico overigens niet ook daadwerkelijk zelf te dragen. Zoals eerder aangegeven, kan de werkgever ervoor kiezen om zich hiervoor (deels) privaat te verzekeren. Laat bij de afweging niet alleen de hoogte van de te betalen premie meewegen, maar ook de dienstverlening die de private verzekeraar daarvoor biedt. Denk bijvoorbeeld aan ondersteuning bij preventie- of re-integratiebeleid.
alleen voor flexwerkers
Ongeacht of een organisatie ZW-eigenrisicodrager is of niet, een goed preventie- en re-integratiebeleid is van groot belang. Dat is het niet alleen voor kostenbesparing, maar ook voor de werknemers zelf.
Doelgroep
Het ZW-eigenrisicodragerschap geldt alleen voor zogeheten flexwerkers, oftewel voor werknemers van wie de tijdelijke arbeidsovereenkomst is geëindigd tijdens ziekte, werknemers die binnen vier weken na het einde van het dienstverband ziek zijn geworden en zieke werknemers met een fictieve dienstbetrekking.
no-riskpolis
alsnog een ZW-uitkering
Onder het ZW-eigenrisicodragerschap vallen nooit de volgende werknemers:
- die ziek zijn door zwangerschap, bevalling of orgaandonatie;
- die vanwege een langdurige ziekte of handicap onder de no-riskpolis vallen;
- die vóór 1 januari 1962 zijn geboren en die in 2018 of 2019 in dienst zijn gekomen vanuit een WW-situatie – die langer dan 52 weken duurde – en die op de eerste ziektedag niet langer dan vijf jaar in dienst waren (zij vallen onder de Compensatieregeling).
Voor werknemers uit deze doelgroepen betaalt UWV alsnog een ZW-uitkering, die dan wordt gefinancierd uit het arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof).
Taken
beslissingen rond de ZW
Het zijn van eigenrisicodrager voor de Ziektewet gaat verder dan alleen het dragen van de financiële lasten. De organisatie is namelijk ook verantwoordelijk voor de beoordeling of de (ex-)werknemers voor wie de werkgever het eigen risico draagt, recht hebben op een ZW-uitkering, en wat de hoogte en looptijd ervan moet zijn. De organisatie bereidt beslissingen rond de ZW voor, betaalt de ZW-uitkering, zorgt voor verzuimbegeleiding en re-integratie, houdt een verzuimadministratie bij en doet ziek- en herstelmeldingen bij UWV. Er moet dus voldoende kennis in huis zijn – of ingekocht – om deze ziektewettaken te kunnen uitvoeren.
UWV controleert in principe eens per twee jaar of een organisatie de ZW-taken goed uitvoert. Is dat niet het geval, dan kan UWV ervoor kiezen ze van de organisatie over te nemen. Hiervoor moet de werkgever dan wel betalen.
beoordelen
Hierna komen enkele van de taken als eigenrisicodrager voor de Ziektewet nader aan bod.
Beslissing
Als eigenrisicodrager moet de werkgever beoordelen of een (ex-)werknemer recht heeft op een ziektewetuitkering en de beslissing daarover voorbereiden. Of dit recht bestaat, hangt af van de omstandigheden.
benadelingshandeling
nawerking
Gaat de werknemer bijvoorbeeld ziek uit dienst, dan heeft hij geen recht op een ZW-uitkering van UWV (of van de organisatie als eigenrisicodrager) als de uitdiensttreding op zijn initiatief gebeurt of met wederzijds goedvinden, dus met zijn instemming. In dat laatste geval is er sprake van een zogeheten benadelingshandeling. De werknemer benadeelt feitelijk UWV door akkoord te gaan met beëindiging van de dienstbetrekking, omdat bij het doorlopen ervan de werkgever het loon zou moeten doorbetalen en er dus geen uitkeringssituatie zou ontstaan. En wordt de werknemer binnen vier weken na uitdiensttreding ziek zonder dat hij een nieuwe werkgever heeft, dan kan hij bij zijn vorige werkgever aankloppen. Via de zogeheten nawerking maakt hij dan namelijk alsnog aanspraak op een ZW-uitkering.
De eigenrisicodrager voelt de nawerking van de Ziektewet direct, omdat hij de ex-werknemer een uitkering moet betalen. Bij verzekering via UWV komt de nawerking later – direct of indirect – in een hogere ZW-premie vanwege toerekening van de ZW-uitkering aan de organisatie.
Betalen
70% van het dagloon
voorbeeld
Een eigenrisicodrager zorgt ervoor dat de ZW-uitkering tijdig wordt uitbetaalt en de uitkering de juiste hoogte heeft. Een organisatie moet het uitkeringsbedrag zelf berekenen: 70% van het dagloon. Het dagloon wordt berekend door het loon over het zogeheten refertejaar te delen door 261 (het aantal loondagen in een jaar), of door het aantal loondagen als de werknemer korter dan een jaar in dienst is. Dus stel dat een werknemer op 1 augustus in dienst is gekomen en in oktober ziek wordt. Om tot zijn dagloon te komen, moet het loon – bij een maandaangifte – inclusief vakantiebijslag over de referteperiode, zijnde augustus, gedeeld worden door 22 loondagen (het aantal keer maandag tot en met vrijdag in augustus). In paragraaf 3.2 staat een voorbeeld van een dagloonberekening. Stel dat er voor een werknemer een dagloon van € 120 uitkomt. Dit blijft onder het maximumdagloon, dus de ZW-uitkering die de werknemer moet krijgen, is 70% van het berekende dagloon: € 84 bruto per dag.
jongere werknemers
UWV kan de hoogte van de te betalen ZW-uitkering beoordelen. Dit kost een organisatie € 27. Binnen vier weken komt het oordeel van UWV binnen.
ongewijzigd
toetsing aanvragen
alle kosten
Voor werknemers met de AOW-gerechtigde leeftijd die ziek worden, wordt de ZW-uitkering gedurende maximaal zes weken betaald. Bij jongere werknemers houdt UWV na een jaar ziekte de zogeheten Eerstejaars Ziektewetbeoordeling. Als het oordeel is dat de (ex-)werknemer nog steeds recht heeft op een ZW-uitkering, moet een organisatie in principe het uitkeringsbedrag ongewijzigd nog maximaal een jaar doorbetalen. Zowel de organisatie als de (ex-)werknemer ontvangt de uitkomst van de beoordeling inclusief de gevolgen ervan voor de ZW-uitkering. Als de gezondheid van de werknemer verbetert na de eerstejaarsbeoordeling, kan er bij UWV een toetsing van de verbeterde belastbaarheid tijdens het tweede ziektejaar aangevraagd worden. Doe dat echter alleen als de bedrijfsarts of arbodienst vindt dat het beter gaat met de werknemer. Een eerstejaarsbeoordeling kan door de achterstanden bij UWV (veel) langer duren.
Re-integratie
Als eigenrisicodrager ligt de verzuimbegeleiding en re-integratie van zieke (ex-)werknemers eveneens op het bordje van de organisatie, inclusief alle bijbehorende kosten. Dit geldt ook voor de werknemers die niet onder het eigen risico vallen, maar voor wie UWV wel een ZW-uitkering betaalt (zie hiervoor onder ‘doelgroep’).
Rol van werknemer bij re-integratie
sanctie (laten) opleggen
aan UWV melden
De werknemer moet zich ook zelf inzetten voor zijn re-integratie. De afspraken hierover moeten goed zijn vastgelegd in het plan van aanpak. Als de werknemer zich niet voldoende inzet, kan de werkgever hem een sanctie (laten) opleggen. Voor zo’n sanctie – zoals korting op de uitkering – is UWV nodig, aangezien een organisatie geen bestuursorgaan is en dus zelf geen sanctie kan opleggen. UWV krijgt dan een verzoek om afgifte van een beschikking met een sanctie. Niet eens met de afgegeven beschikking? Dan kan de werkgever binnen zes weken bezwaar aantekenen. De werknemer heeft deze mogelijkheid ook. Bij vermoedens dat een (ex-)werknemer fraudeert met een uitkering op basis van eigenrisicodragerschap (of van UWV), kan de werkgever dat aan UWV melden.
aanpassingen van werkplek
UWV laten weten
Zaken die bij re-integratie van een werknemer komen kijken, zijn bijvoorbeeld het inschakelen van de bedrijfsarts of arbodienst, investeringen in omscholing van de werknemer of aanpassingen van de werkplek, werktijden of werkzaamheden. Het kan ook nodig zijn om de werknemer te re-integreren bij een andere organisatie, de zogeheten re-integratie tweede spoor. Dit zal bij de ZW vaker voorkomen, omdat een organisatie voor ex-werknemers intern niet altijd meer een passende functie beschikbaar zal hebben.
Melding
laatste werkdag
binnen twee dagen
Ook al neemt een organisatie als eigenrisicodrager de ZW-uitkering en re-integratielasten voor haar rekening, dan moet de werkgever het UWV toch laten weten dat een (ex-)werknemer ziek of beter is. Wanneer de ziekmelding precies moet gebeuren, hangt af van de doelgroep waar de werknemer onder valt:
- uiterlijk de vierde ziektedag: werknemers met een fictief dienstverband en ex-werknemers die na vertrek bij een organisatie binnen vier weken ziek zijn geworden en geen nieuwe werkgever hebben (deze ex-werknemers moeten zich binnen twee dagen ziek melden);
- uiterlijk de laatste werkdag: werknemers met een tijdelijke arbeidsovereenkomst die eindigt tijdens de ziekte (als het gaat om het einde van een uitzendovereenkomst wegens ziekte, moet het uitzendbureau dit uiterlijk de vierde ziektedag doorgeven aan UWV).
De herstelmelding aan UWV moet de werkgever doen binnen twee dagen nadat de werknemer zijn herstel aan de organisatie heeft doorgegeven.
medisch dossier
De ziekmelding en herstelmelding doet de werkgever online via het werkgeversportaal van UWV. Hiervoor heeft hij eHerkenning nodig. Voor de herstelmelding gebruikt de werkgever ook een formulier, dat is te downloaden via uwv.nl.
Administratie
inclusief berekening
inclusief toelichting
ZW-eigenrisicodragers moeten een gescheiden verzuimadministratie bijhouden. Let op dat er voor het (door de bedrijfsarts bijgehouden) medisch dossier een verplichte bewaartermijn van tien jaar geldt, en voor overige verzuimgegevens een termijn van vijf jaar. De werkgever van de zieke werknemer moet de volgende gegevens vastleggen:
- de naam en het burgerservicenummer (bsn);
- de ziekteperiode, inclusief een overzicht van voorgaande ziekteperiodes;
- waarom de werknemer onder het eigen risico valt;
- de hoogte van het dagloon, inclusief berekening;
- de hoogte van de brutodaguitkering, inclusief berekening;
- de gegevens over aanvang, looptijd en einde van het recht op een ZW-uitkering, inclusief toelichting;
- de periode waarover de ZW-uitkering is betaald;
- de periode waarover een eventueel voorschot op de uitkering is betaald;
- een eventuele weigering van een ZW-uitkering, inclusief toelichting.
Aangifte
code 31
Als eigenrisicodrager moet een organisatie de ZW-uitkeringen en eventuele aanvullingen hierop die werknemers ontvangen in de aangifte loonheffingen verwerken. Voor de uitkering wordt Code soort inkomstenverhouding/inkomenscode code 31 gebruikt: Uitkering in het kader van de Ziektewet (ZW) en vrijwillige verzekering Ziektewet. Bij uitbetaling van de uitkering past een organisatie als eigenrisicodrager de hoge premie Aof en de lage premie Awf toe.
splitsen
Is een organisatie ook eigenrisicodrager voor de WGA (zie hoofdstuk 8) en ontvangt een werknemer zowel een ZW-uitkering als een WGA-uitkering, dan moeten deze uitkeringen in aparte inkomstenverhoudingen.
witte tabel
Let op dat de inkomstenverhouding (IKV) is gesplitst in het geval een organisatie als ZW-eigenrisicodrager de werknemer na afloop van de dienstbetrekking een ZW-uitkering betaalt. Omdat het hier gaat om een uitkering aan een werknemer die niet werkzaam is in een verzekerde dienstbetrekking voor de werknemersverzekeringen, mag deze uitkering niet worden meegenomen in het jaarloon voor het lage-inkomensvoordeel en is een nieuwe IKV nodig. Voor berekening van de loonbelasting/premie volksverzekeringen is wel gewoon de witte tabel van toepassing op het totaal.
Uitbesteden
wel zelf verantwoordelijk
beoordeling
Een organisatie kan ervoor kiezen om bepaalde taken rond de uitvoering van de Ziektewet (deels) uit te besteden aan een andere partij, zoals een administratiekantoor. Hier hangt dan uiteraard wel een prijskaartje aan. En bedenk ook dat de organisatie bij uitbesteding van taken rond de uitvoering van de ZW wel altijd zelf de verantwoordelijke partij blijft voor een goede afhandeling!
Inkopen
geen recht op ZW-uitkering
voorschot
Verder zijn bij UWV bepaalde diensten in te kopen, bijvoorbeeld een beoordeling van het recht op een ZW-uitkering, van de hoogte van de uitkering en van de looptijd ervan. Deze diensten kosten een organisatie op het moment van schrijven respectievelijk € 25, € 27 en € 12. En soms moet UWV een beslissing over een bepaalde kwestie nemen. Dat is het geval in de volgende situaties:
- De werknemer vraagt zelf om een beslissing.
- Er bestaat geen recht op een ZW-uitkering.
- De ZW-uitkering wordt geschorst.
- De werkgever wil een maatregel opleggen waardoor de ZW-uitkering deels wordt geweigerd.
- De hoogte en looptijd van de ZW-uitkering wijzigen.
- De ZW-uitkering toekennen na eerdere afwijzing ervan.
- De werknemer is beter verklaard door de bedrijfsarts.
- De werkgever beëindigt de ZW-uitkering, zonder dat er sprake is van spontaan herstel van de werknemer.
- De werkgever geeft een voorschot op de ZW-uitkering.
- De werkgever betaalt een overlijdensuitkering.
machtigen
Een beslissing van UWV gaat via het formulier Verzoek om een beslissing over de Ziektewet-uitkering. Dit formulier kan de werkgever downloaden via uwv.nl. Binnen twee weken komt per post de beslissing.
De werkgever kan een intermediair die de taken uitvoert, machtigen om diensten van UWV in te kopen of beslissingen aan te vragen. Dit kan via het formulier Machtiging eigenrisicodrager Ziektewet, te vinden op uwv.nl. Per formulier zijn er maximaal twee intermediairs te machtigen.