2.4 Doorschuiven of uitstellen van belastingheffing
drempel
Direct afrekenen over stille reserves, fiscale reserves en goodwill vormt vaak de grootste drempel bij de overdracht. De wet biedt verschillende manieren om de belastingheffing uit te stellen of te spreiden. Belangrijkste instrumenten zijn de geruisloze doorschuiffaciliteiten en de lijfrenteaftrek en – als doorschuiven niet mogelijk is – een betalingsregeling.
2.4.1 Geruisloze doorschuiving bij overdracht
zonder direct afrekenen
36 maanden
Met de fiscale regeling van artikel 3.63 Wet IB 2001 (doorschuiving naar ondernemers) kun je een onderneming of een zelfstandig deel daarvan overdragen aan een mede- ondernemer of werknemer zonder direct af te rekenen. De opvolger gaat dan verder tegen jouw fiscale boekwaarden; de belastingclaim schuift dus door. Voorwaarden voor deze regeling zijn onder meer minimaal 36 maanden winst uit onderneming genieten of een dienstverband, en een gezamenlijk verzoek bij jouw aangifte.
Doorschuiven bij achterblijvend pand
geruisloos
Een ondernemer draagt zijn onderneming over aan een werknemer. Het pand blijft achter en wordt verhuurd aan de opvolger. Volgens de Belastingdienst kan artikel 3.63 Wet IB 2001 dan niet worden gebruikt omdat de ondernemer niet alle activa overdraagt. De Hoge Raad (Hoge Raad 20 februari 2009 (ECLI (verkort): BF0389)) oordeelt anders: de ondernemer mag de regeling toepassen als het pand functioneel blijft bijdragen aan de voortzetting van de onderneming. Het pand zelf valt niet onder de doorschuiving; bij latere verkoop rekent de overdrager alsnog af. Maar de onderneming kan wel geruisloos over. Dit arrest van de Hoge Raad verruimt de toepassing van artikel 3.63 Wet IB 2001: ook als bepaalde activa achterblijven, is doorschuiving mogelijk. Hiervoor is wel vereist dat de activa functioneel verbonden blijven met de voortgezette onderneming.
2.4.2 Doorschuiving bij overlijden
voortzetten
Bij overlijden wordt de onderneming geacht te zijn gestaakt. Normaal volgt directe heffing, maar als een erfgenaam de onderneming voortzet én aan de voorwaarden voldoet, kun je de belastingclaim doorschuiven (artikel 3.62 Wet IB 2001). Dat voorkomt liquiditeitsproblemen en draagt bij aan de continuïteit van je onderneming.
2.4.3 Betalingsregeling bij schuldig gebleven koopsom
Als de geruisloze doorschuiving niet kan worden gebruikt – bijvoorbeeld omdat de opvolger niet aan de 36-maandseis voldoet – kun je onder voorwaarden uitstel van betaling aanvragen via de Invorderingswet. Dit geldt als je de koopsom schuldig blijft. De regeling biedt tijdelijk lucht, maar kent strenge eisen, zoals zekerheden en rente.
2.4.4 Lijfrente bij staking
omzetten
Als doorschuiven niet mogelijk is en je (geheel of gedeeltelijk) staakt, kun je de stakingswinst omzetten in een lijfrente. De premie is aftrekbaar tot de hoogte van de stakingswinst, binnen wettelijke grenzen.
Ook de fiscale oudedagsreserve kun je via een lijfrente afwikkelen. Je moet de lijfrente dan afsluiten bij een verzekeraar of bank, of – onder voorwaarden – bij de overnemer. De premie moet je in principe binnen zes maanden na afloop van het jaar van staking betalen.