5.3 Inbouwen van herstel- en rusttijden
minimaal
belasting
Herstel is geen luxe, maar een randvoorwaarde voor veilig en duurzaam nachtwerk. De Arbeidstijdenwet stelt minimale rusttijden vast, maar in de praktijk zijn deze vaak onvoldoende om volledig te herstellen van nachtarbeid en oproepdiensten. Niet alleen het tijdstip, maar ook de duur en inhoud van het werk bepalen de belasting van nachtwerk. Lange nachtdiensten van 10 tot 12 uur vergroten het risico op vermoeidheid, vooral in de tweede helft van de dienst.
Organisaties die serieus werk maken van voldoende herstel en werkbelasting investeren in langere loopbanen, minder verzuim, hogere veiligheid en behoud van ervaren werknemers.
Maatregelen
dagdienst
Organisatorische maatregelen kunnen gericht zijn op:
- kortere duur van een nachtdienst;
- vermijden van een vroege dagdienst direct na een nachtdienst;
- verlengde rust na nachtdiensten, bijvoorbeeld minimaal drie dagen vrij na een blok nachtdiensten;
- voldoende hersteltijd direct na een oproepdienst.
powernap
voldoende
Ook binnen de nachtdienst zelf kun je herstel ondersteunen, bijvoorbeeld door geplande rustmomenten of powernaps, taakafwisseling of aanpassing taakzwaarte in de nacht, reserveren van complexe of risicovolle taken voor momenten met hogere alertheid of het beperken van monotone werkzaamheden in de vroege ochtenduren. Voor HR en planners betekent dit dat zij voldoende herstel meenemen in roostersoftware en planningsafspraken. Door extra hersteltijd in te bouwen, voorkom je dat werknemers in een vicieuze cirkel van structureel slaaptekort komen.
De Sociale Partners Samen voor Duurzame Inzetbaarheid (SPDI) hebben 11 aandachtspunten opgesteld om gezond te roosteren. Deze zogenoemde ‘roostervuistregels’ vind je op duurzaamaanhetwerk.nl/arbeidstijden.