4.2 Statushouders
werkervaring
contact
Naast studenten kunnen organisaties bijvoorbeeld ook statushouders (asielzoekers met een verblijfsstatus) de kans bieden. Een groot deel van deze groep is nog niet aan het werk, omdat organisaties het niet aandurven om statushouders in dienst te nemen. Werk hoeft echter niet direct betaald werk te zijn. Het is ook mogelijk om een statushouder werkervaring op te laten doen door middel van een werkervaringsplek of een stage. Ook vrijwilligerswerk of zelfs een meeloopdag om kennis te maken met het werk en de organisatie – en vice versa – als opmaat naar eventueel betaald werk is een optie. Organisaties kunnen via partijen als gemeenten, VluchtelingenWerk Nederland en UWV in contact komen met statushouders die op zoek zijn naar stageplekken of werkervaringsplaatsen. Wil een organisatie na een stage een statushouder in dienst nemen, dan komt ze mogelijk in aanmerking voor subsidie (zie hoofdstuk 5).
Voor ‘nieuwe’ statushouders of statushouders zonder werkervaring in Nederland is een tussenstap sowieso aan te raden. Zij zijn zeer waarschijnlijk niet bekend met de manier van solliciteren in Nederland.
Oekraïne
UWV
Vluchtelingen uit Oekraïne mogen voor hun opleiding stage lopen als zij onder de Richtlijn Tijdelijke Bescherming vallen. De organisatie hoeft de stagiair niet te melden bij UWV. Wel moet de organisatie samen met de stagiair en de onderwijsinstelling een stageovereenkomst afspreken.
Cultuurverschillen en taalbarrière
begeleiding
koppelen
Door de cultuurverschillen en de taalbarrière heeft een buitenlandse stagiair vooral in het begin extra begeleiding nodig. Daarnaast kan de stagiair op een ander niveau werken dan in zijn land van oorsprong. Organisaties doen er dan ook goed aan om duidelijke afspraken te maken en heldere verwachtingen te scheppen. Mogelijke frustraties zijn te voorkomen door de stagiair te koppelen aan een buddy, bij voorkeur een ervaringsdeskundige.
Loonbelasting
De regels die gelden voor de loonbelasting en sociale premies bij buitenlandse stagiairs staan in paragraaf 7.4.