8.1 Inkomstenbelasting
directe belastingheffing
Bij overdracht van een onderneming binnen de familie krijg je in de inkomstenbelasting al snel te maken met directe belastingheffing. Of je nu een IB-onderneming overdraagt of aandelen in een bv, de wet gaat er in principe van uit dat je de fiscale en stille reserves realiseert en moet afrekenen.
Om te voorkomen dat deze belastingdruk de bedrijfsopvolging belemmert, kent de wet verschillende doorschuiffaciliteiten die onder voorwaarden uitstel van belastingheffing mogelijk maken.
8.1.1 Staking van de onderneming
staking
Bij overdracht van een IB-onderneming (eenmanszaak, vof of maatschap) aan een familielid geldt in principe de hoofdregel: de onderneming wordt gestaakt en je moet afrekenen over de stakingswinst. Die winst omvat de stille reserves, fiscale reserves en goodwill en wordt belast in box 1 van de inkomstenbelasting tegen het progressieve tarief. Dit kan een forse liquiditeitsdruk geven, juist op het moment dat je de onderneming wilt voortzetten.
Doorschuiffaciliteiten
De Wet IB 2001 kent daarom onder voorwaarden twee belangrijke doorschuiffaciliteiten.
- Doorschuiffaciliteit bij overdracht tijdens leven
opvolger
36 maanden
Met deze regeling van artikel 3.63 Wet IB 2001 kun je je onderneming binnen de familie overdragen zonder direct af te rekenen over de opgebouwde waarde. De belastingclaim op de stille reserves en goodwill schuift door naar de opvolger, die de onderneming voortzet tegen jouw fiscale boekwaarden. Voorwaarde is wel dat je de onderneming, of een zelfstandig deel daarvan, daadwerkelijk overdraagt en voortzet. Daarnaast geldt dat het familielid minimaal 36 maanden als medeondernemer en/of werknemer bij de onderneming betrokken moet zijn geweest. Zonder deze periode van betrokkenheid is doorschuiven niet mogelijk.
gezamenlijk verzoek
Vermogensbestanddelen die je achterhoudt, zoals een bedrijfspand, vallen buiten de doorschuiving. Verder kun je de fiscale oudedagsreserve alleen doorschuiven naar je fiscale partner en niet naar kinderen. Toepassing van de regeling vereist bovendien een gezamenlijk verzoek bij de aangifte inkomstenbelasting.
Het gaat dus om uitstel van belastingheffing: bij latere verkoop of staking door de opvolger komt de belastingclaim alsnog tot uitdrukking.
- Doorschuiffaciliteit bij overlijden
voortzetten
meerdere erfgenamen
alleen schenkingsdeel
Bij overlijden ziet de Belastingdienst de onderneming fiscaal als gestaakt. Met artikel 3.62 Wet IB 2001 hoef je niet direct af te rekenen, zolang de onderneming via de nalatenschap of het huwelijksvermogensrecht overgaat op de partner of een erfgenaam én direct wordt voortgezet. In dat geval schuift de belastingclaim door naar degene die de onderneming voortzet. Deze regeling werkt alleen als de onderneming rechtstreeks wordt verkregen en meteen wordt voortgezet. Tussenschakels of uitstel zijn niet toegestaan. Als meerdere erfgenamen de onderneming willen voortzetten, moeten zij gezamenlijk kiezen voor doorschuiving. Erfgenamen die de onderneming niet voortzetten, moeten wél direct afrekenen. De doorschuifregeling geldt alleen voor de inkomstenbelasting. De civielrechtelijke afwikkeling van de nalatenschap speelt daarbij een grote rol.
Keuzes, zoals toepassing van de wettelijke verdeling, kunnen het doorschuiven blokkeren. Het is daarom belangrijk om te beschikken over een goed doordacht ondernemerstestament.
8.1.2 Aanmerkelijkbelangheffing
vervreemding
Als je aandelen in je bv overdraagt aan een familielid, ziet de fiscus dat in principe als een vervreemding. Dit betekent dat je in box 2 belasting betaalt over het vervreemdingsvoordeel: het verschil tussen de waarde van de aandelen en jouw verkrijgingsprijs.
Voorkomen
fiscale positie overnemen
Wil je die directe box-2-heffing bij een schenking voorkomen, dan kan artikel 4.17c Wet IB 2001 uitkomst bieden. Met deze doorschuiffaciliteit schuift de belastingclaim door naar de verkrijger: je rekent bij de schenking niet meteen af en de verkrijger neemt jouw fiscale positie (met name jouw verkrijgingsprijs en daarmee de latente belastingclaim) over. Sinds 1 januari 2025 hoef je daarbij niet meer te voldoen aan een dienstbetrekkingseis; in plaats daarvan geldt een minimumleeftijd van 21 jaar voor de verkrijger. De doorschuiffaciliteit is bovendien gericht op ‘echte’ ondernemingsactiviteiten: voor zover de waarde van de aandelen samenhangt met ondernemingsvermogen werkt de doorschuiving. Beleggingsvermogen valt buiten de regeling en kan dus alsnog tot directe belastingheffing leiden. De doorschuifregeling geldt alleen voor het schenkingsdeel. Als je (deels) de aandelen verkoopt of een tegenprestatie afspreekt, moet je dus goed kijken welk deel een schenking is en welk deel gewoon een verkoop. De regeling werkt ook niet vanzelf: je moet hiervoor een apart schriftelijk verzoek indienen bij de inspecteur die jouw aanslag regelt.