U bent hier

Onderneming & Fiscus
Succesvol onderneming overnemen/overdragen8. Overdracht aan familie8.5 Schenkbelasting

8.5 Schenkbelasting

Dit artikel is eerder verschenen als Themadossier Fiscaal Rendement
Publicatiedatum: juni 2026

ruime ­vrijstelling

Draag je ondernemingsvermogen binnen de familie over door schenking of vererving, dan kan de bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) in de Successiewet een zeer ruime vrijstelling van schenk- en erfbelasting bieden. Deze regeling is bedoeld om te voorkomen dat ondernemingsvermogen verkocht moet worden om belasting te kunnen betalen en richt zich nadrukkelijk op de continuïteit van de onderneming bij bedrijfsopvolging.

Materiële onderneming

uitstel van ­betaling

De BOR werkt zowel bij een IB-onderneming als bij aanmerkelijkbelangaandelen in een bv, als sprake is van een materiële onderneming. Beleggingsvermogen valt buiten de regeling. De vrijstelling geldt volledig tot een wettelijk vastgestelde drempel en daarboven voor een groot deel. Voor het eventuele restant aan verschuldigde schenk- of erfbelasting kun je bovendien tien jaar uitstel van betaling krijgen, als je voldoende zekerheid stelt.

8.5.1 Voorwaarden

voortzettingseis

Aan de BOR zijn strikte voorwaarden verbonden. Sinds 2025 geldt dat de verkrijger de onderneming minimaal drie jaar moet voortzetten (voortzettingseis). Stop of verkoop je de onderneming binnen die periode, dan vervalt de vrijstelling met terugwerkende kracht en volgt alsnog een heffing van schenk- of erfbelasting. Deze verkorting van de voortzettingstermijn (voorheen vijf jaar) maakt de regeling toegankelijker, maar neemt het risico bij niet-naleving niet weg.

Bezitseis

Daarnaast moet de schenker het ondernemingsvermogen voorafgaand aan de schenking minimaal vijf jaar in bezit hebben gehad (bezitseis). Bij aandelen in een bv betekent dit dat je gedurende die periode aanmerkelijkbelanghouder moet zijn geweest én dat de bv een onderneming moet hebben gedreven. Het moet gaan om ondernemingsvermogen dat behoort tot een materiële onderneming; beleggingsvermogen en privévermogen tellen niet mee.

Voorbeeld van een bedrijfsopvolging

dezelfde ­activiteiten

Henk Bosma is eigenaar van Bosma Metaal & Techniek, een IB-onderneming die hij al meer dan tien jaar drijft. In 2026 schenkt hij de onderneming aan zijn zoon Mark. De onderneming bestaat volledig uit ondernemingsvermogen en dezelfde activiteiten worden voortgezet. Omdat Henk voldoet aan de bezitseis en Mark de onderneming minimaal drie jaar voortzet, kan bij de aangifte schenkbelasting een beroep worden gedaan op de BOR. Het grootste deel van de ondernemingswaarde is daardoor vrijgesteld van schenkbelasting. Voor het resterende deel krijgt Mark tien jaar uitstel van betaling.

Beroep

aantonen

Om in aanmerking te komen voor de BOR moet je bij de aangifte schenk- of erfbelasting actief een beroep doen op de regeling en kunnen aantonen dat je aan alle voorwaarden voldoet. De bewijslast ligt daardoor bij de vervreemder en de opvolger.

8.5.2 Samenloop met de inkomstenbelasting

afstemmen

De BOR staat formeel los van de doorschuiffaciliteiten in de inkomstenbelasting, zoals de doorschuifregeling voor aanmerkelijkbelangaandelen. In de praktijk moet je deze verschillende regelingen wel goed op elkaar afstemmen. Doe je dat niet, dan kan alsnog belastingheffing bij een bedrijfsopvolging optreden: bijvoorbeeld uitstel in de inkomstenbelasting, maar directe heffing in de schenkbelasting of andersom.

8.5.3 Voor- en nadelen in de praktijk

liquiditeit­s­problemen

weinig ruimte voor fouten

Het grote voordeel van de BOR is dat de regeling liquiditeitsproblemen voorkomt en echte bedrijfsopvolgingen binnen de familie faciliteert. De vrijstelling is omvangrijk en sinds 2025 is de voortzettingstermijn verkort, wat opvolgers meer flexibiliteit geeft. Daar staat tegenover dat de regeling complex is en weinig ruimte laat voor fouten. Het niet voldoen aan de bezitseis, het voortzettingsvereiste of de toets voor de materiële onderneming leidt alsnog tot belastingheffing, vaak met terugwerkende kracht.

Met name bij indirecte structuren, vastgoed en samengestelde ondernemingen vraagt toepassing van de BOR om een goede voorbereiding. Laat je dus goed adviseren!