U bent hier

Onderneming & Administratie
Aan tafel met de advocaat13. Vertrouwelijke informatie geheimhouden13.3 Boete in geheimhoudingsovereenkomst

13.3 Boete in geheimhoudingsovereenkomst

Dit artikel is eerder verschenen als Themadossier FA Rendement
Publicatiedatum: februari 2026

schade

Het eeuwige discussiepunt bij een geheimhoudingsovereenkomst is de vraag of er een boete in moet worden opgenomen. Bij een serieus geheimhoudingsbeding hoort echter een serieuze boete. Zonder boete sta je vrijwel met lege handen als de ander zich niet aan de afspraken houdt. Je kunt dan wel proberen om de schade vergoed te krijgen, maar dan moet je eerst zien te bewijzen welke schade je precies hebt geleden. Dat is vrijwel niet te doen.

Zonder boete ben je voor de nakoming van de overeenkomst afhankelijk van de goede wil van de ander. Als dat voor jou genoeg is, kun je net zo goed vertrouwelijkheid afspreken met een handdruk.

13.3.1 Hoogte van de boete

redelijk

vertrouwelijke informatie

Een tweede punt waarover vaak discussie ontstaat, is de hoogte van de boete. Een boete moet vooral niet ‘redelijk’ zijn, in de zin dat het bedrag gemakkelijk op te brengen is. Een boete moet afschrikwekkend zijn zodat je contracts­partij het wel uit haar hoofd laat de afspraken te overtreden. Het enige argument tegen een (hoge) boete is dat die natuurlijk niet per ongeluk verschuldigd moet raken. Dat gebeurt niet snel, maar het gevaar daarop wordt wel groter als je een ondoordachte en veel te grote definitie hanteert van ‘vertrouwelijke informatie’. Denk na over de vraag of echt alles geheim moet blijven. Het feit dát er wordt samengewerkt, moet volgens de tekst van de overeenkomst vaak al geheim blijven, terwijl dat helemaal niet nodig is en ook nog eens knap lastig zal blijken te zijn.

Definitie

bewust

Als iemand per ongeluk een keer een verkeerde geadresseerde opneemt in een e-mail, moet hij niet meteen een boete van € 100.000 verschuldigd zijn omdat in die e-mail informatie staat over het product of de prijs die volstrekt onschuldig en betekenisloos is. Kortom: een hoge boete is goed, maar alleen in combinatie met een strakke definitie van informatie die geheim moet blijven. Zo’n strakke definitie helpt ook om mensen bewust te maken van het belang van geheimhouding.

Als in de overeenkomst staat dat iemand ‘alle informatie’ geheim moet houden, zal de aandacht daarvoor al snel verslappen. Als je concreet benoemt welke zaken waarom geheim moeten blijven, zullen je contractspartijen daar veel serieuzer mee omgaan.

13.3.2 Bewijs aanleveren

achterhalen

bewijsbeslag

Als je contractspartij moedwillig geheime informatie heeft doorgegeven, dan zul je altijd zien dat zij dat niet spontaan komt opbiechten. Ook degene die de informatie heeft gekregen, zal daar waarschijnlijk geheimzinnig over doen. Om toch te achterhalen wat er gebeurd is en de boete te incasseren, zul je bewijs moeten verzamelen. Als je aanwijzingen in een bepaalde richting hebt, kan de deurwaarder bewijsbeslag leggen op computers en telefoons. Als dat nog niet genoeg bewijs oplevert, zou je in een voorlopig getuigenverhoor de betrokkenen kunnen verhoren voor de rechtbank.

Zonder geheimhoudingbeding niet vogelvrij

Als je geen geheimhoudingsovereenkomst hebt gesloten, betekent dat niet dat je bedrijfsgeheimen dus vogelvrij zijn. De Hoge Raad heeft hierover al in 1919 het (nog handgeschreven) arrest Lindenbaum/Cohen gewezen. Het ging om twee drukkerijen in Amsterdam. De ene drukker (Cohen) had een bediende van de andere drukker (Lindenbaum) omgekocht om hem steeds een kopietje te geven van de klantenlijsten en de laatst uitgebrachte offertes. Een klassiek geval van bedrijfsspionage dus. Er bestond alleen geen wet waarin dit expliciet verboden was. De Hoge Raad oordeelde dat dit soort handelen niettemin onrechtmatig is, omdat het ‘indruischt tegen de goede zeden’.