6.3 Informatieplicht
dwangsom
Het kan gebeuren dat de verstrekte gegevens ontoereikend zijn om een aanslag op correcte wijze vast te stellen of om te kunnen beoordelen of de aangifte juist is. De inspecteur heeft vergaande bevoegdheden tot het vorderen van informatie en inzage van bescheiden en kan dit zelfs afdwingen op laste van een dwangsom. Het gaat hierbij uiteraard alleen om informatie die van belang kan zijn voor de belastingheffing van de onderneming.
Meewerken
oproep
schatting
Je moet altijd meewerken aan een verzoek van de Belastingdienst om nadere informatie of aan een oproep om te verschijnen, ook al betreft het posten die de fiscus jarenlang zonder nadere vragen accepteerde. Bij verzuim kan de fiscus een aftrekpost weigeren of een aanslag naar eigen schatting opleggen. Je moet dan bewijzen dat de opgelegde aanslag onjuist is.
6.3.1 Reikwijdte bevoegdheden
De wet biedt je de mogelijkheid om de rechtmatigheid van een informatieverzoek van de inspecteur voor te leggen aan de fiscale rechter. Zo kun je procederen over de reikwijdte van de bevoegdheden van de inspecteur voordat hij een aanslag vaststelt. Je kunt zelfs een kostenvergoeding vragen als achteraf blijkt dat je ten onrechte medewerking verleende aan een verzoek van de inspecteur. Tegen een kostenvergoedingsbeschikking van de inspecteur staan dan weer de gebruikelijke rechtsmiddelen van bezwaar en beroep open.
Je kunt iemand machtigen om namens jou de contacten met de fiscus te verzorgen. Deze persoon is dan jouw vertegenwoordiger of gemachtigde. Maar let op: je blijft wel verantwoordelijk voor het handelen van deze persoon.
6.3.2 Boekenonderzoek
eigen heffing
aankondigen
advies
Naast een verzoek om bepaalde informatie te verstrekken over de eigen belastingheffing, kan de Belastingdienst ook een boekenonderzoek instellen. De fiscus zal zelden onaangekondigd bij de receptie staan, maar zo’n onderzoek altijd aankondigen. In de aankondigingsbrief staat wat het doel is van het onderzoek. Van het onderzoek wordt een rapport uitgebracht, dat als advies voor de inspecteur geldt: hij mag er dus van afwijken (zie ook hoofdstuk 7). Als er standpunten zijn ingenomen bij het afsluiten van de controle, kan sprake zijn van gebondenheid hieraan. Je kunt je dan beroepen op het vertrouwensbeginsel (zie hoofdstuk 9).