U bent hier

Onderneming & Personeel
Invloed leefstijl1. Gezondheid en vitaliteit1.3 Leefstijl beïnvloeden

1.3 Leefstijl beïnvloeden

Dit artikel is eerder verschenen als Themadossier HR Rendement
Publicatiedatum: mei 2026

samenwerking

Voordat je leefstijl in je organisatie op de agenda zet, is het van belang dat de arbeidsomstandigheden goed geregeld zijn. Denk hierbij aan het in kaart brengen van de arbeidsrisico’s, het aanpakken van fysieke en psychische belasting en toegang bieden tot een bedrijfsarts. Zoek hiervoor de samenwerking op met de leidinggevende en arboprofessionals. Heb je de basis op orde, dan kun je overwegen werknemers ook aan te zetten tot een gezonde leefstijl.

1.3.1 Aanhaken bij Nationaal Preventieakkoord

vitaal

Werknemers die goed in hun vel zitten, hebben daar ook op het werk voordeel van. Vitale werknemers zijn productiever en minder vaak ziek. Hoewel leefstijl de keuze is van de werknemer, kun je als werkgever werknemers wel degelijk bewust maken van (het effect van) hun leefstijl.

Doelstelling

­leefstijl

Leefstijlthema’s sluiten nauw aan bij het Nationaal Preventieakkoord uit 2018 voor gezondere leefstijl. De doelstellingen van dit akkoord zijn:

  • roken: terugdringen aantal rokers (minder dan 5%);
  • overgewicht: in 2040 is nog ‘maar’ 38% van de volwassen Nederlanders te zwaar. En nog maar 7,1% heeft obesitas.
  • problematisch alcoholgebruik: in 2040 drinken jongeren en zwangere vrouwen geen alcohol. Het aantal Nederlanders dat te veel drinkt daalt van 8,8% naar maximaal 5%.

1.3.2 Doel en competenties gezond gedrag

energie

Om een start te kunnen maken met gedragsverandering is energie van belang. Bij te weinig energie gaat het lichaam – net als een smartphone – in een energiebesparende modus. Het brein krijgt overdag voorrang en ’s nachts gaat het fysieke herstel voor. Is de energie er (staat iemand fit en energiek op), dan kun je de leefstijlthema’s inzetten in de vorm van motiveren, begeleiden en ondersteunen met behulp van tools, (het laten organiseren van) workshops, stimuleren van beweging, betrokkenheid, coaching en voorbeeldgedrag.

Bewustzijn en bewustwording zijn alleen mogelijk als werknemers de theorie begrijpen. Door middel van kennisoverdracht creëer je een beweging, stap voor stap. Probeer niet te snel en niet te veel tegelijkertijd te willen.

Voorbeeldgedrag

bespreekbaar

De leidinggevende moet voorbeeldgedrag tonen om gezondheid en vitaliteit bespreekbaar te maken. Voorbeeldgedrag is ook kwetsbaarheid durven tonen en je aan bepaalde regels houden. De leidinggevende kan praten over gezondheid, leefstijl, geluk, angsten, emoties, gevoelens, behoeften en intenties. Hij moet geen oordeel geven of wijzend vingertje gebruiken en moet waar mogelijk de coachende positie innemen. Het gaat om luisteren en de juiste vragen stellen.

Een werknemer zal niet zomaar veranderen. Niet alleen moeten het lichaam en het brein wennen, maar er zijn vaak ook vaste en oude patronen, conditioneringen, valkuilen, barrières, energielekken en vermoeidheid.

1.3.3 Wat mag en kun je als werkgever?

oorzaak

Welke vragen mag je stellen aan werknemers en welke niet? Je mag geen:

  • vragen stellen over de aard en oorzaak van een ziekte of aandoening;
  • diagnose stellen;
  • behandeling voorstellen;
  • waardeoordeel uitspreken.

draagvlak

voorbeeld

Is het arbobeleid binnen jouw organisatie op orde, dan kun je in actie komen op het gebied van gezondheid en leefstijl:

  • Zorg voor draagvlak en betrek werknemers bij ideeën.
  • Stimuleer gezond gedrag en straf ongezond gedrag niet direct af, maar bied gezondere alternatieven aan.
  • Bied middelen aan die passen bij de organisatie en de werknemers.
  • Spreek niet slechts één werknemer aan: dat botst bijvoorbeeld al snel met privacyrechten.
  • Geef het goede voorbeeld en houd rekening met een lange looptijd voor gedragsverandering, progressie en voortgang.
  • Privacy op het werk

    registreren

    Werknemers hebben recht op privacy. De Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) schrijft voor hoe je persoonsgegevens moet registreren en veilig bewaart om het lekken van persoonsgegevens te voorkomen. Wat de werknemer doet buiten werktijd valt onder het privacyrecht. Je bemoeien met iemands privéleven mag in principe niet, een gezonde leefstijl stimuleren mag wel.

    Soms mag je als werkgever wel ingrijpen. Bijvoorbeeld als de leefstijl voor arbeidsrisico’s zorgt (ook bij anderen), als juist het werk voor gezondheidsrisico’s zorgt of als de werknemer zelf om hulp vraagt. Uiteraard moet dit zorgvuldig en binnen de wettelijke kaders gebeuren.