3.2 Onafhankelijkheid en vertrouwelijkheid
wettelijk
De bedrijfsarts opereert in een veld met uiteenlopende belangen. Werkgevers willen continuïteit en duidelijkheid, werknemers willen herstel, privacy en rechtvaardige behandeling, en arbodiensten hebben contractuele afspraken met de opdrachtgever. Juist daarom is onafhankelijkheid van de bedrijfsarts expliciet wettelijk geborgd. De kern is: de bedrijfsarts moet zijn taken kunnen uitvoeren zonder druk of oneigenlijke beïnvloeding.
Bescherming
handhaven
spreekuur
schriftelijk
Die onafhankelijke positie wordt op meerdere manieren beschermd:
- Basiscontract en wettelijke eisen: werkgevers zijn verplicht afspraken te maken over toegang tot de bedrijfsarts en over de uitvoering van wettelijke arbotaken. De Arbeidsinspectie kan handhaven op het ontbreken van of onvoldoende invulling geven aan het basiscontract.
- Medisch beroepsgeheim: medische gegevens blijven bij de bedrijfsarts. De werkgever ontvangt geen diagnose, behandelgegevens of details over klachten, maar alleen informatie over functionele mogelijkheden en beperkingen in relatie tot werk.
- Recht op open spreekuur: werknemers moeten de bedrijfsarts kunnen bezoeken zonder toestemming van de werkgever, ook als zij niet ziek gemeld zijn. Dit verlaagt drempels om vroegtijdig vragen te stellen en problemen te voorkomen.
- Second opinion: een werknemer kan bij twijfel aan het advies een second opinion aanvragen bij een andere, onafhankelijke bedrijfsarts. De afspraken hierover moeten in het basiscontract zijn vastgelegd.
- Klachtenregeling: er moet een schriftelijke klachtenprocedure zijn voor de dienstverlening van de bedrijfsarts. Daar kan een werknemer terecht bij onvrede over bejegening of professionaliteit.
Grenzen
informatie
adviseren
In de dagelijkse praktijk betekent dit dat de bedrijfsarts scherp moet zijn op grenzen: welke informatie is nodig om re-integratie vorm te geven, en welke informatie hoort bij de werknemer en zijn behandelaren? Ook moet de bedrijfsarts waken voor rolverwarring. Een bedrijfsarts kan bijvoorbeeld adviseren dat tijdelijk aangepast werk verstandig is, maar het blijft aan de werkgever en werknemer om de werkzaamheden te organiseren. De bedrijfsarts is adviseur en beoordelaar van belastbaarheid, niet de uitvoerder van personeelsbeleid.