1. Inleiding
In de praktijk hebben veel fiscaal adviseurs moeite met het vormgeven van hun verplichtingen op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Dat leidt tot onzekerheid: doe ik wel genoeg, doe ik het wel goed? Ter geruststelling: de cijfers laten zien dat er relatief weinig handhavende maatregelen zijn bij adviseurs. De overgrote meerderheid doet het naar eer en geweten goed. Vanwaar dan toch die onzekerheid?
identificeren
ongebruikelijke transacties
Onder andere financieel adviseurs zijn sinds 1 juni 2003 verplicht om hun cliënten te identificeren en om ongebruikelijke transacties te melden. Deze verplichtingen waren toentertijd nog vastgelegd in twee verschillende wetten:
- de Wet melding ongebruikelijke transacties (Wet MOT);
- de Wet identificatie bij dienstverlening (WID).
Vanaf 1 augustus 2008 zijn deze wetten samengevoegd in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).
Toezichthouders
melding
Uit cijfers van de Financiële Inlichtingen Eenheid (FIU-NL) en van de Wwft-toezichthouder Bureau Financieel Toezicht (BFT) blijkt dat er jaarlijks enkele honderden meldingen van ongebruikelijke transacties worden gedaan door belastingadviseurs. Het zou kunnen zijn dat er meer ‘fiscale’ meldingen worden gedaan, omdat ook advocaten, notarissen en accountants verplicht zijn tot melding van ongebruikelijke transacties die zij zien in advieswerkzaamheden. Het BFT geeft regelmatig aanwijzingen, deelt waarschuwingen uit en legt boetes op. Af en toe worden deze personen ook strafrechtelijk vervolgd voor het niet correct toepassen van de Wwft. Dan moet het wel gaan om opzettelijke overtredingen en gelukkig komt dat niet vaak voor.