2.2 Witwastypologieën, signalen en brancherisico’s
Een adviseur moet in ieder geval extra alert zijn als er sprake is van een:
- witwastypologie;
- indicator(en) van witwassen;
- branche die een risico vormt.
2.2.1 Typologieën van witwassen
patronen
contant geld
schijnlening
prestatie
cryptovaluta
De FIU-Nederland en opsporingsdiensten publiceren regelmatig voorbeelden van zogenoemde typologieën. Dit zijn patronen die kenmerkend zijn voor witwaspraktijken. Enkele veel voorkomende typologieën zijn:
- het gebruik van contant geld: grote contante stortingen of betalingen zonder duidelijke herkomst of noodzaak, bijvoorbeeld bij aankoop van voertuigen of vastgoed;
- schijnleningen: geldstromen die worden voorgesteld als leningen tussen gelieerde partijen zonder terugbetalingsafspraken of zekerheden;
- facturering zonder reële prestatie: facturen voor “consultancy” of “adviesdiensten” zonder bewijs van uitvoering;
- het rondpompen van gelden: hetzelfde bedrag dat in korte tijd via meerdere rekeningen of rechtspersonen wordt overgemaakt en weer terugkeert;
- investeringen in contante of moeilijk te waarderen activa, zoals kunst, edelmetalen, luxeauto’s of cryptovaluta;
- het gebruik van tussenpersonen of stromanconstructies: betalingen lopen via derden zonder zakelijk nut of met een onduidelijke rol;
- het gebruik van buitenlandse vennootschappen zonder economische functie: met name in jurisdicties waar beperkte transparantie geldt.
2.2.2 Indicatoren van mogelijk witwassen
verhoogd risico
buitenlandse rekeningen
grote aankoop
ondoorzichtig
risicovolle landen
bankgeheim
achteraf opstellen
Naast de typologieën zijn er indicatoren die voor adviseurs richtinggevend kunnen zijn. Als meerdere van deze indicatoren tegelijk voorkomen, is sprake van een verhoogd risico. Een transactie verdient extra aandacht als er sprake is van:
- geldstromen die lopen via buitenlandse rekeningen zonder zakelijke uitleg;
- uitgaven die niet verklaard kunnen worden uit de bekende (fiscaal verantwoorde) inkomsten;
- onverklaarbare vermogensgroei;
- een grote aankoop (bijvoorbeeld een woning) die niet verklaard kan worden uit de financiële situatie;
- transacties via ingewikkelde structuren of ondoorzichtige entiteiten;
- transacties – of zelfs ondernemingen – waarvan het economische ‘nut’ of verdienmodel niet duidelijk wordt;
- betalingen aan of door personen in risicovolle landen zoals Iran, Myanmar of Korea of betalingen aan of vanuit landen met een bankgeheim die geen bankgegevens uitwisselen;
- documenten of overeenkomsten die onnauwkeurig of achteraf lijken te zijn opgesteld;
- klanten die aandringen op het creëren van documenten (bijvoorbeeld een leningovereenkomst) met terugwerkende kracht;
- het niet bestaan van een logische relatie tussen debiteuren, crediteuren en bedrijfsactiviteiten.
De Europese Commissie en de Financial Action Task Force (FATF) publiceren lijsten van zogenoemde derde landen met een hoog risico. Deze lijst wordt regelmatig bijgewerkt en bepaalt welke landen onder verscherpt toezicht staan binnen de EU-regelgeving.
2.2.3 Branches met een verhoogd witwasrisico
onroerend goed
horeca
schoonmaakbranche
Naast de indicatoren is ook de branche van belang. Risicobranches zijn onder meer (dit is geen uitputtende lijst):
- ondernemingen waar veel contant geld omgaat, zoals:
- casino’s,
- wisselkantoren;
- autohandelaren;
- juweliers;
- botenhandelaren;
- handelaren in kostbare artikelen zoals kunst;
- bouwbedrijven;
- onroerend goed, kamer- en woningbemiddelingsbureaus;
- autobranche, handelaars in autobanden en schroot, autopoetsbedrijven;
- horeca (bijvoorbeeld pizzeria’s en snackbars);
- afvalverwerkingsbedrijven;
- belwinkels en handel in mobiele telefoons;
- schoonmaakbranche;
- seksbranche (massagesalons en hotelkamerverhuur);
- ondernemingen die handelen in drugsgerelateerde producten (zoals growshops, coffeeshops, smartshops, headshops en seedshops).
Alertheid
doorvragen
Een risicobranche leidt op zichzelf nog niet tot een vermoeden van witwassen maar is wel een reden om extra alert te zijn. Van de adviseur mag worden verwacht dat hij alert is op dit soort signalen, kritisch doorvraagt en de verklaringen van de cliënt vastlegt.
De Wwft verlangt niet dat de adviseur de criminele herkomst aantoont, maar wel dat hij herkent wanneer een transactie onverklaarbaar of ongebruikelijk is en, als dat zo blijft, melding doet bij de FIU-Nederland.