1.1 Wetgeving
sociaal akkoord
ingewikkeld
De overheid vindt het belangrijk dat arbeidsgehandicapten deelnemen aan het arbeidsproces, bij voorkeur in een reguliere baan. In het sociaal akkoord van 2013 werden daarom al landelijke afspraken gemaakt over het realiseren van banen voor mensen met een arbeidsbeperking. Uit dit sociaal akkoord vloeiden de Participatiewet en de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten voort.
1.1.1 Participatiewet
ondersteunen
De Participatiewet is ingegaan op 1 januari 2015. Deze wet heeft als doel om zo veel mogelijk mensen met een arbeidsbeperking of een afstand tot de arbeidsmarkt te ondersteunen bij het vinden van werk. De Participatiewet heeft de Wet werk en bijstand (WWB), de Wet sociale werkvoorziening (WSW) en een groot deel van de Wajong vervangen.
Onder de Participatiewet vallen niet alleen mensen met een arbeidsbeperking, maar bijvoorbeeld ook mensen die de maximale duur van hun WW-uitkering hebben bereikt en nog geen baan hebben.
Uitgangspunt
beschut werk
uitkering
Het uitgangspunt van de Participatiewet is dat zo veel mogelijk mensen aan het werk kunnen in een reguliere baan bij een ‘gewone’ werkgever. Is werk in een reguliere baan niet mogelijk, dan kan iemand een indicatie krijgen om beschut werk te verrichten. Dat is werk dat speciaal is ingericht voor mensen met een arbeidsbeperking bij bijvoorbeeld participatiebedrijven of de gemeente. Mensen krijgen hier dan intensieve begeleiding, zodat ze toch een bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij en hun eigen inkomsten kunnen verdienen. Als laatste mogelijkheid kan iemand – als hij echt niet kan werken – nog recht hebben op een uitkering. Dit kan bijvoorbeeld een bijstandsuitkering zijn.
1.1.2 Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten
extra banen
De Wet banenafspraak en het quotum arbeidsbeperkten zijn in 2015 ingegaan. In deze wet is afgesproken dat werkgevers uiterlijk in 2026 voor 125.000 banen voor arbeidsbeperkten moeten hebben gezorgd: 100.000 banen in het bedrijfsleven en 25.000 banen bij de overheid. Dit moeten extra banen zijn ten opzichte van de peildatum 1 januari 2013.
Jaarlijkse monitoring aantal banen
De doelstelling van de banenafspraak is onderverdeeld in jaren. Voor elk jaar is dus bepaald hoeveel extra banen de overheid en de marktsector gerealiseerd moeten hebben voor arbeidsbeperkten. UWV monitort jaarlijks of deze doelstellingen zijn behaald.
Niet gehaald
doelstelling
In 2023 haalden zowel werkgevers in het bedrijfsleven als overheidswerkgevers de doelstellingen uit de banenafspraak niet. Voor overheidswerkgevers was dit niet de eerste keer. Zij halen deze doelstellingen al jaren niet. Voor werkgevers in het bedrijfsleven was het wel de eerste keer dat de doelstelling uit de banenafspraak niet gehaald werd. Het is nog onduidelijk of werkgevers in 2024 de doelstelling van de banenafspraak wel hebben gehaald.
1.1.3 Banen realiseren
In het kader van de banenafspraak gaat het bij één baan om een baan van 25,5 uur per week. Kleinere en grotere banen tellen naar rato van het aantal uren mee.
Bij de banenafspraak gaat het er dus om hoeveel banen werkgevers gezamenlijk realiseren voor mensen met een arbeidsbeperking.
Meetellen
sociale werkvoorziening
Op het moment dat een werkgever iemand uit de doelgroep banenafspraak in dienst neemt of inleent, telt deze persoon mee voor de afgesproken banen voor de banenafspraak. Ook tellen de banen van mensen die op 1 januari 2013 binnen de sociale werkvoorziening werkten en na die tijd via een Wsw-detachering bij een reguliere werkgever aan de slag zijn gegaan mee voor de banenafspraak.
Werkgevers hoeven door de banenafspraak geen extra banen bovenop de bestaande formatie te realiseren. Wel kunnen ze kijken welke banen door het vertrek van werknemers vrijkomen en of ze deze vacature kunnen invullen door iemand met een arbeidsbeperking aan te nemen.
1.1.4 Doelgroepregister
banenafspraak
wetsvoorstel
Om te zien of een werknemer of sollicitant meetelt voor de banenafspraak, kan een werkgever het doelgroepregister van UWV raadplegen. Hierin staan alle mensen die vallen onder de doelgroep van de banenafspraak. Het gaat hierbij om de volgende groepen:
- Mensen die onder de Participatiewet vallen en die niet zelfstandig het wettelijk minimumloon kunnen verdienen. Dat zijn de mensen van wie UWV heeft vastgesteld dat zij tot de doelgroep banenafspraak behoren en mensen die via de praktijkroute zijn ingestroomd.
- (Ex-)leerlingen van scholen voor het voortgezet speciaal onderwijs (vso) en praktijkonderwijs (pro) die zich schriftelijk hebben aangemeld bij UWV.
- Mensen met een Wsw-indicatie.
- Wajongers met arbeidsvermogen.
- Mensen met een WIW-baan (Wet inschakeling werkzoekenden) of ID-baan (in- en doorstroombaan). Dit zijn banen die via oude regelingen tot stand zijn gekomen. De WIW- en ID-baan waren bedoeld voor bijstandsgerechtigden met een grote afstand tot de arbeidsmarkt.
- Mensen die een medische beperking kregen vóór hun achttiende verjaardag of tijdens hun studie, die alleen met een voorziening het wettelijk minimumloon kunnen verdienen.
Plannen om doelgroep uit te breiden
Er zijn plannen om de doelgroep van de banenafspraak uit te breiden. In het wetsvoorstel dat de banenafspraak moet vereenvoudigen (zie paragraaf 1.1.6) wordt de doelgroep van de banenafspraak uitgebreid met mensen in de Wajong die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben en mensen met een IVA-uitkering die werken met loondispensatie. Op termijn wil de overheid de doelgroep van de banenafspraak ook uitbreiden met mensen in de WIA die niet zelfstandig het minimumloon kunnen verdienen en mensen in de WW die vergelijkbare kenmerken hebben als mensen in de banenafspraak. Er komt op een later moment nog een apart wetsvoorstel waarin dit wordt geregeld.
Aanvraag
sollicitant
Als een werkgever wil weten of iemand in het doelgroepregister staat, moet hij hiervoor een gerichte aanvraag indienen bij UWV via het werkgeversportaal. Voor de aanvraag gebruikt hij het loonheffingennummer of het burgerservicenummer (bsn) van de werknemer. Voor een sollicitant of uitzendkracht kan hij alleen het bsn gebruiken.
Een werkgever kan alleen opvragen óf iemand in het doelgroepregister staat. Er wordt geen andere informatie gegeven, bijvoorbeeld over het soort beperking dat iemand heeft. Dit is gedaan om de privacy van de sollicitant of werknemer te waarborgen.
Kandidatenverkenner
zoeken
Werkgevers‑ Servicepunt
In aanvulling op het doelgroepregister heeft UWV de kandidatenverkenner banenafspraak ontwikkeld. Hierin kan een werkgever zoeken naar geanonimiseerde mensen met een arbeidsbeperking die onder de doelgroep van de banenafspraak vallen. Hij ziet dus geen persoonlijke gegevens van deze mensen, maar hij kan wel hun opleidingsniveau en leeftijd zien en de sector waarin ze actief zijn. Heeft een werkgever interesse in een profiel, dan kan hij bij een WerkgeversServicepunt een aanvraag indienen. De kandidaat beslist vervolgens of zijn contactgegevens aan de werkgever mogen worden doorgegeven.
Ben je voor een vacature op zoek naar iemand die onder de banenafspraak valt, dan kun je dus gebruikmaken van de kandidatenverkenner. Je vindt deze op de website werk.nl.
Beoordeling arbeidsvermogen
banenafspraak
Als een werkgever een kandidaat op het oog heeft die niet in het doelgroepregister staat, kan de gemeente aan UWV vragen om voor deze potentiële werknemer een beoordeling arbeidsvermogen uit te voeren. Dit houdt in dat UWV gaat kijken of iemand tot de doelgroep behoort van de banenafspraak. Ook kan de werkgever bij de gemeente nagaan of de kandidaat in aanmerking komt voor loonkostensubsidie. Is dat het geval, dan kan de potentiële werknemer mogelijk via de praktijkroute instromen in het doelgroepregister. Daarnaast kan een (potentiële) werknemer met een arbeidsbeperking, die van de gemeente arbeidsondersteuning ontvangt, ook zelf bij UWV een beoordeling arbeidsvermogen aanvragen.
Praktijkroute
loonwaarde
De praktijkroute houdt in dat mensen met een arbeidsbeperking voor wie de gemeente verantwoordelijk is om arbeidsondersteuning te bieden en van wie op de werkplek door de gemeente is vastgesteld dat zij een loonwaarde hebben onder het wettelijk minimumloon, zonder beoordeling door UWV opgenomen kunnen worden in het doelgroepregister. Zij behoren dan tot de doelgroep banenafspraak.
1.1.5 Quotumregeling
overheid
Op basis van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten krijgen werkgevers te maken met een quotumregeling als zij de banenafspraak niet halen. Op dit moment geldt de quotumregeling alleen voor de overheid.
Quotumheffing
De quotumregeling houdt in dat werkgevers (met 25 werknemers of meer) op individueel niveau een bepaald percentage arbeidsbeperkten in dienst moeten hebben. Werkgevers die dit quotumpercentage niet zouden halen, zouden een quotumheffing (oftewel een boete) krijgen.
Omdat de overheid bezig is met een aantal belangrijke wijzigingen in de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten (zie paragraaf 1.1.6) is de quotumheffing opgeschort. Werkgevers krijgen hierdoor voorlopig geen boete als zij het quotum niet halen.
1.1.6 Vereenvoudiging banenafspraak
In de praktijk blijkt dat veel werkgevers de uitvoering van de Wet banenafspraak en quotum arbeidsbeperkten ingewikkeld vinden. Zo blijkt samenwerking tussen overheidswerkgevers en werkgevers in de marktsector complex te zijn en zijn de administratieve lasten hoog. Daarom wil de overheid deze wet aanpassen. Hiervoor is een nieuw wetsvoorstel ingediend: Vereenvoudiging van de banenafspraak en de quotumregeling voor mensen met een arbeidsbeperking. Dit voorstel ligt op het moment van publiceren van dit dossier bij de Eerste Kamer.
Wetsvoorstel
één doel‑ stelling
loonkosten‑ voordeel
In het wetsvoorstel Vereenvoudiging van de banenafspraak en de quotumregeling voor mensen met een arbeidsbeperking is het volgende geregeld:
- Op den duur verdwijnt het onderscheid tussen de marktsector en de overheid. Er komt dan dus één doelstelling die voor werkgevers in de marktsector en overheidswerkgevers gezamenlijk geldt. Dit moet samenwerking tussen bijvoorbeeld werkgevers, sectoren of regio’s mogelijk maken en de administratieve lasten verminderen. Deze maatregel gaat wel pas in op het moment dat overheidswerkgevers meer banen voor arbeidsbeperkten hebben gerealiseerd. Hoeveel banen de overheid precies moet realiseren voordat deze maatregel ingaat, is in het wetsvoorstel niet gespecificeerd.
- Als de quotumregeling ingaat, komt er in plaats van de quotumheffing een inclusiviteitsopslag en een bonus. Als werkgevers onvoldoende banen realiseren voor arbeidsbeperkten, krijgen zij te maken met opslag op de gedifferentieerde Aof-premie. Maar creëren zij méér banen voor arbeidsbeperkten dan het quotum, dan krijgen zij straks een bonus. Deze bonus is een verhoging van het loonkostenvoordeel (LKV) banenafspraak. Zowel de bonus als de opslag zal naar schatting € 5.000 per (niet-)gerealiseerde baan zijn. Kleine werkgevers hoeven de inclusiviteitsopslag niet te betalen.
- Werkgevers kunnen per 1 januari 2026 voor elke werknemer uit de doelgroep banenafspraak jaarlijks tot € 2.000 LKV krijgen, zolang de arbeidsbeperkte in dienst blijft. Op dit moment is de maximale duur van het loonkostenvoordeel nog beperkt tot drie jaar. Daarnaast hoeven werkgevers en werknemers geen doelgroepverklaring meer op te vragen bij UWV om het LKV te krijgen.
- De doelgroep banenafspraak wordt uitgebreid met mensen in de Wajong die duurzaam geen arbeidsvermogen hebben en werken bij een reguliere werkgever, en mensen met een IVA-uitkering die werken met loondispensatie (zie ook pagina 13).