U bent hier

Onderneming & Fiscus
Fraude en Belastingdienst8. Overige strafbare feiten8.2 Faillissementsfraude

8.2 Faillissementsfraude

Dit artikel is eerder verschenen als Themadossier Fiscaal Rendement
Publicatiedatum: december 2025

schuldeisers
benadelen

Een andere veel voorkomend delict is faillissementsfraude. Het gaat hier om het opzettelijk benadelen van schuldeisers in het kader van een faillissement. Dit gebeurt door:

  • het wegsluizen van geld of goederen uit de onderneming;
  • het bevoordelen van bepaalde schuldeisers boven anderen;
  • het vervalsen of achterhouden van administratie;
  • het niet geven van verplichte informatie aan de curator.

Het doel is om schuldeisers te benadelen en eigen voordeel te behalen, vaak vlak vóór of tijdens het faillissement.

Voorbeeld: horecaondernemer in zwaar weer

privérekening

familielid

Een belastingadviseur begeleidt een horecaondernemer, wiens bv financieel in zwaar weer verkeert. De beste oplossing lijkt een faillissement. De adviseur helpt met de voorbereiding daarvan en merkt daarbij het volgende op. Een maand vóór het faillissement zijn grote bedragen overgeboekt van de zakelijke rekening van de bv naar de privérekening van de dga, omschreven als ‘terugbetaling lening dga’. De lening is echter nergens in de administratie of eerdere jaarrekeningen opgenomen. Kort voor het faillissement is bovendien een bestelbus, eigendom van de bv, overgeschreven op naam van een familielid na verkoop voor een bedrag ruim onder de marktwaarde.

Signalen

partner

bedrijfs-
middelen

schulden

Uit dit voorbeeld volgen diverse signalen die duiden op mogelijke faillissementsfraude. In de praktijk ziet de boekhouder of belastingadviseur dit vaak als eerste. Bijvoorbeeld:

  • Gelden worden overgeboekt naar de privérekening van de dga of diens partner zonder logische of zakelijke reden.
  • Er wordt opeens een managementcontract opgesteld en een (hoge) managementvergoeding wordt uitbetaald terwijl duidelijk is dat een faillissement onafwendbaar is.
  • Er worden vlak voor faillissement grote bedragen overgemaakt naar verbonden partijen of familieleden.
  • Bedrijfsmiddelen worden onder de marktwaarde verkocht of weggegeven.
  • De administratie is plotseling onvolledig of ontbreekt.
  • Er worden facturen of schulden gecreëerd (om vermogen weg te sluizen).

Ook hier geldt weer dat het voor de adviseur niet gaat om bewijs van fraude. Ziet de adviseur dat de cliënt probeert om vermogen buiten de boedel te houden, dan kan hij niet anders dan een melding doen van een ongebruikelijke transactie.