6.5 Herziening etikettering
aanslag
Zoals je hiervoor eerder kon lezen moet jouw keuze op redelijkheid gebaseerd zijn. Zo niet, dan moet je deze herzien. Je kunt terugkomen op jouw keuze zolang de aanslag over het desbetreffende jaar nog niet onherroepelijk vaststaat.
6.5.1 Herziening keuzevermogen
Gebruik je het pand in jouw onderneming, dan is geen discussie mogelijk en behoort het pand tot het ondernemingsvermogen. Dit is anders als je het pand zowel in jouw onderneming als privé gebruikt en sprake is van keuzevermogen.
Van privé naar zakelijk
functie
activeren
Het is mogelijk dat je een vergissing hebt gemaakt bij het etiketteren van het pand. Stel dat je een deel van het bedrijfspand in privé aan een derde verhuurt. Je besluit de huurperiode niet te verlengen omdat je de ruimte nodig hebt voor je eigen onderneming. Doordat de functie verandert, verandert automatisch ook de etikettering: het pand moet je voor de waarde in het economisch verkeer op dat moment overhevelen naar het ondernemingsvermogen en op de balans activeren.
Van bedrijfspand naar verhuur
meerwaarde
In de omgekeerde situatie, waarbij je jouw bedrijfspand voortaan niet meer voor de eigen bedrijfsvoering gebruikt, maar aan een andere ondernemer gaat verhuren, ben je niet verplicht om het pand direct tot jouw privévermogen te rekenen. Er is sprake van keuzevermogen: zolang het pand geheel of grotendeels bestemd is voor de verhuur mag je het pand tot jouw ondernemingsvermogen blijven rekenen. Het voordeel is dat je hierdoor niet hoeft af te rekenen met de fiscus over de eventuele meerwaarde van het pand.
Van bedrijfspand naar woning
afrekenen
Neem je het pand dat je eerst voor jouw onderneming gebruikte geheel als eigen woning in gebruik, dan ben je verplicht het pand over te hevelen van het ondernemingsvermogen naar het privévermogen, waarbij je direct met de fiscus moet afrekenen over de meerwaarde. Een door de ondernemer zelf bewoond pand is vanzelfsprekend geen ondernemingsvermogen meer. In hoofdstuk 7 lees je meer over de fiscale gevolgen van de overgang van bedrijfsvermogen naar privé en omgekeerd.
De keuze om een pand als ondernemingsvermogen of privévermogen aan te merken, ligt binnen de grenzen der redelijkheid en is afhankelijk van de wil van de ondernemer. De keuze kan bijvoorbeeld blijken uit de boekhouding. Verwerk de aankoop dus goed in je administratie.
6.5.2 Nieuwe situatie
heretikettering
verbouwing
wetswijziging
staking
Zodra de functie van het pand verandert, verandert ook de vermogensetikettering. Door heretikettering wordt dan het vermogensetiket op het pand in overeenstemming gebracht met de nieuwe situatie. Staat de definitieve aanslag over het jaar van aanschaf onherroepelijk vast, dan blijkt uit de rechtspraak dat je alleen onder bijzondere omstandigheden jouw keuze kunt herzien. Zo kun je een pand dat tot het keuzevermogen behoort, slechts overbrengen naar het privévermogen bij:
- een wijziging in de aard (functie en gebruik) van het pand (zoals een ingrijpende verbouwing);
- een wijziging in de verhouding van het voor zakelijke en privédoeleinden gebruikte deel van het pand;
- een wijziging van een bestaande wet of de invoering van een nieuwe wet;
- een wijziging in de jurisprudentie of in beleid;
- de oprichting van een maatschap of vennootschap onder firma (vof), zoals gedeeltelijke staking van de IB-onderneming;
- een wijziging in de deelgerechtigdheid van een maatschap of vof en een wijziging in het gebruik van het pand.
Nieuwe jurisprudentie over een bepaald feitencomplex waarover onzekerheid bestaat, is geen bijzondere omstandigheid. Het moet duidelijk zijn dat de ondernemer destijds een andere keuze zou hebben gemaakt, als de wettelijke bepaling of uitleg daarvan toen al had gegolden.
6.5.3 Etiketteringsfout
goed koopmansgebruik
Er kan ook sprake zijn van een foute vermogensetikettering. Er is sprake van een fout als de waardering op de fiscale eindbalans van het vorige boekjaar onjuist is en niet volgens de regels van de wet of goed koopmansgebruik is vastgesteld. Dus als een pand onterecht is geactiveerd op de balans en de afschrijvingskosten zijn afgetrokken van de winst, moet het pand verplicht worden overgebracht naar het privévermogen.
Foutenleer
balans- waardering
tegemoet-koming
Als de navorderingtermijn van vijf jaar verstreken is of een vrijwillige verbetering niet meer mogelijk is, zal de fout hersteld moeten worden met behulp van de foutenleer in het laatste nog openstaande belastingjaar. De foutenleer corrigeert dus in een ander jaar dan het jaar waarin de fout is ontstaan. Dit zal voor de balanswaardering niet uitmaken, maar je hebt dan wel te maken met andere belastingtarieven. Het is dus mogelijk dat de foutenleer nadelig voor jou uitwerkt bij hogere of lagere tarieven. Bij onredelijke gevolgen door het corrigeren van de fouten moet de fiscus jou dan een redelijke tegemoetkoming bieden. Deze redelijke tegemoetkoming zou eruit kunnen bestaan dat de inspecteur een bijzonder tarief toepast op de waardesprong. De inspecteur hoeft echter niet het verschil volledig te compenseren.
Correctie van vermogensetiketteringsfout
vertrouwensbeginsel
De inspecteur die de etikettering van een pand door een ondernemer goedkeurt, is daaraan op grond van het vertrouwensbeginsel gebonden. Uit de feiten moet wel blijken dat hij deze keuze bewust heeft aanvaard. Het jarenlang volgen van de aangifte IB wordt echter niet gezien als uitdrukkelijke goedkeuring. Dit betekent dat de inspecteur een aangifte waarin een pand fout is geëtiketteerd mag corrigeren (ECLI:NL:HR:1999:AA2685).