3.3 Geen arbeidsrechtelijke bescherming
Een ander belangrijk verschil tussen een arbeidsovereenkomst en een overeenkomst van opdracht is dat een opdrachtnemer bij die laatste geen arbeidsrechtelijke bescherming heeft. Dit houdt onder meer in dat de opdrachtgever en opdrachtnemer veel meer tijdelijke contracten met elkaar kunnen sluiten dan het arbeidsrecht toestaat.
Loonheffingen
Als sprake is van een overeenkomst van opdracht of van aanneming van werk, hoeft de opdrachtgever over de betalingen geen loonheffingen in te houden en betalen aan de Belastingdienst. Alleen als een arbeidsrelatie een dienstbetrekking is, moet de werkgever loonheffingen inhouden en betalen voor de werknemer. Loonheffingen zijn de loonbelasting, premie volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet.
Fiscale en arbeidsrechtelijk gevolgen
civiele recht
pensioen-premie
Stelt de Belastingdienst vast dat sprake is van schijnzelfstandigheid, dan verandert in principe nog niets aan de overeenkomst van opdracht. De Belastingdienst gaat immers niet over het civiele recht, alleen over fiscaal recht. Toch zal de opdrachtgever voor de werkende de loonheffingen moeten afdragen. Daarnaast kan de werkende naar de civiele rechter stappen en deze voor recht laat verklaren dat hij een arbeidsovereenkomst heeft met de opdrachtgever. Is de rechter het daarmee eens, dan moet de opdrachtgever met terugwerkende kracht werknemersrechten aan de (voormalig) zzp’er toekennen. Het kan ook zijn dat met terugwerkende kracht alsnog pensioenpremie wordt geïnd (zie paragraaf 5.1.4). Voor verplichtgestelde pensioenfondsen geldt namelijk het beginsel ‘geen premie, wel recht’. Hierdoor bouwt ook een zzp’er die later schijnzelfstandige blijkt te zijn en waar de werkgever geen premies voor betaald heeft, terwijl hij wel premieplichtig was, pensioen op.