U bent hier

7. Wettelijk kader voor cao’s

Dit hoofdstuk is eerder verschenen in Themadossier OR Rendement
Publicatiedatum: januari 2026

Het arbeidsrecht kent veel bepalingen die werknemers beschermen. Daarvan mogen werkgevers in de regel niet afwijken. Bij uitzondering geldt dat dit wel mag in een cao via het driekwart dwingend recht. De sociale partners moeten zich aan het wettelijk kader houden; ze kunnen dus niet zomaar van alles vastleggen. Je hoeft niet te controleren of de cao van je organisatie aan de regels voldoet, daar zijn andere instanties voor. Toch is enige kennis van het cao-recht wel handig.

Wet op de cao

Het cao-recht regelt de rechtsverhouding tussen de cao-partijen. Tot het cao-recht behoren de Wet op de collectieve arbeidsovereenkomst (Wet op de cao) en de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van cao’s (Wet AVV). Meer informatie over deze laatste wet lees je in hoofdstuk 3. De wettelijke regels over de cao vind je in de Wet op de cao. Hierin staat onder andere:

  • waaraan een cao moet voldoen;
  • welke partijen bevoegd zijn om een cao af te sluiten;
  • wie aan de cao zijn gebonden.
Allereerst kun je de cao zien als een gewone overeenkomst, waarop alle regels van toepassing zijn die in het Burgerlijk Wetboek staan – het zogenoemde algemeen verbintenissenrecht. Dit is alleen anders als de Wet op de cao van dit algemeen verbintenissenrecht afwijkende voorschriften geeft. Daarnaast bevat de Wet op de cao een aantal extra...
De cao bevat verschillende soorten afspraken. Het gaat dan niet alleen over de arbeidsvoorwaarden, maar bijvoorbeeld ook over bedrijfsinvesteringen, de organisatiestructuur, heffingen voor onderzoek door werknemersorganisaties en de oprichting van fondsen. Deze afspraken zijn in de Wet op de cao onderverdeeld in drie soorten bepalingen, namelijk:...
Normatieve of horizontale bepalingen zijn de afspraken en verplichtingen in de cao die gelden tussen de individuele werkgever en de individuele werknemer. Dit is de kern of het individueelrechtelijke gedeelte van de cao. Het zijn die bepalingen die de werkgever – als er geen cao was gesloten – waarschijnlijk in de individuele arbeidsovereenkomst...
Obligatoire bepalingen zijn verplichtingen die gelden tussen de partijen die een cao sluiten. Het gaat dan om afspraken tussen de werknemersorganisatie(s) en de werkgever of werkgeversorganisatie(s). Deze bepalingen zijn dan ook niet direct van belang voor werknemers en werkgevers die niet zelf de cao sluiten. Je kunt deze bepalingen als het...
Verplichtingen die tussen de werkgever of de werknemer tegenover één van de andere cao-partijen gelden, heten zogenoemde diagonale bepalingen. Hoe dat precies werkt, zie je in de afbeelding hierboven over de soorten cao-bepalingen. Deze diagonale bepalingen hebben meestal een collectief element in zich, waardoor dit deel ook wel bekendstaat als...
Als de werkgever de bepalingen uit de cao niet nakomt, kunnen de werknemers nakoming van deze afspraken vorderen. Ook kan de vakbond een schadevergoeding eisen. Niet-gebonden werknemers kunnen echter niet afdwingen dat de werkgever de cao naleeft. Als de werkgever één van de diagonale cao-bepalingen niet nakomt, levert hij een ‘wanprestatie’...
De werkgever is in principe gebonden aan de regels die in de wet en cao staan. De arbeidsrechtelijke wetten kennen relatief veel dwingendrechtelijke bepalingen. Daarvan mag niet worden afgeweken in het nadeel van de werknemer. Toch mag de cao in specifieke gevallen afwijken van de wet en mag de werkgever op zijn beurt afwijken van de cao (of wet...