9.1 Plan van aanpak
maatregelen
Het plan van aanpak bij de RI&E vormt een leidraad voor het werkdrukbeleid van de organisatie. In het plan moet de bestuurder drie soorten maatregelen onderscheiden:
- persoonsgerichte maatregelen;
- werkgerichte maatregelen;
- maatregelen gericht op de leidinggevenden.
9.1.1 Persoonsgerichte aanpak
factor
Vaak heeft werkstress te maken met persoonsgerelateerde factoren: een werknemer blijkt bijvoorbeeld stressgevoeliger dan zijn collega’s of kan het werk even niet aan door problemen thuis. Hoe de bestuurder hiermee omgaat, kan hij vastleggen in het plan van aanpak.
Belastbaarheid verhogen
werklast
Een werknemer die veel kennis en vaardigheden bezit, kan een hoge werklast beter aan dan een onervaren collega. De organisatie doet er goed aan om werknemers daarom regelmatig trainingen en cursussen te geven om hun kennis én belastbaarheid te verhogen.
Er bestaan veel nuttige cursussen voor stressgevoelige mensen om te leren omgaan met werkdruk. Denk aan een cursus timemanagement of een assertiviteitstraining.
Voorlichting
Goede voorlichting kan werknemers helpen om werkstress tegen te gaan. Denk aan specifieke informatie over de risico’s van werkstress. Maar beter nog kan de organisatie aandacht besteden aan voorlichting over factoren die de belastbaarheid verhogen. Een werknemer die fit en gezond is, kan een grotere werklast aan. Door tips te geven over een gezonde leefstijl of het stimuleren van bedrijfsfitness, kan de organisatie dus ook de werkdruk verlagen.
advies
De OR kan een belangrijke rol spelen bij de voorlichting aan de werknemers over gezond leven en werken. De achterban neemt zulk advies misschien ook eerder aan van de OR dan van de directie.
9.1.2 Werkgerichte aanpak
takenpakket
regelmogelijkheid
Kijk ook wat de bestuurder kan veranderen aan werkgerichte maatregelen, zoals het takenpakket aanpassen (minder verantwoordelijkheden, verbreding, specialisatie) of de regelmogelijkheden verhogen, zodat werknemers meer vrijheid hebben om hun werk zelf in te delen. Soms kan een aanpassing van de werk- en rusttijden uitkomst bieden.
Flexibel roosteren
flexibele werktijden
De organisatie kan ook voor flexibele werktijden zorgen door werknemers flexibele werkroosters aan te bieden. Bij flexibel roosteren hebben werknemers inspraak in hun werktijden, zolang dit binnen de kaders van de bezettingseis en hun eigen contract valt en ze voldoende bereikbaar zijn in noodgevallen. Werknemers moeten natuurlijk wel het aantal uren draaien waarvoor ze betaald krijgen. Het grootste voordeel van flexibel roosteren is dat de organisatie het werknemers makkelijker maakt om de juiste balans te vinden tussen werk en privé. Ze kunnen immers vaak hun werktijden afstemmen op hun privésituatie.
De OR heeft instemmingsrecht op het vaststellen, wijzigen of intrekken van een werk- en rusttijdenregeling (artikel 27, lid 1b WOR). Een regeling voor flexibel roosteren valt hier ook onder.
Vormen van flexibel roosteren
ruilen
voorkeur
bezetting
Er zijn verschillende vormen van flexibel roosteren die de bestuurder kan introduceren en toepassen. De belangrijkste vormen zijn:
- Diensten ruilen: zodra het rooster bekend is, ruilen collega’s ‘onhandige’ diensten met elkaar.
- Repeterend rooster: een individueel rooster dat is gebaseerd op een bepaalde cyclus (bijvoorbeeld vier weken) en dat zich blijft herhalen.
- Voorkeursrooster: de roostermaker inventariseert vooraf de vaste en incidentele voorkeuren van werknemers.
- Intekenrooster: de roostermaker maakt een schema met het per dag benodigde aantal diensten. Werknemers tekenen vervolgens in op een dienst.
- Matching: de roostermaker stelt voor een periode de gewenste bezetting per uur of per dag vast. Werknemers geven daarna aan wanneer ze beschikbaar zijn.
- Zelfroosteren: werknemers bepalen (in grote mate) zelf hun werktijden en diensten.
9.1.3 Maatregelen gericht op de leidinggevenden
stappenplan
Zoals al eerder vermeld, hebben direct leidinggevenden een belangrijke rol bij het signaleren en aanpakken van werkstress. Is het nodig dat zij hierover een training of cursus volgen, dan hoort dit in het plan van aanpak. Het kan ook een goede zaak zijn een stappenplan op te stellen waarin staat wat een leidinggevende moet doen als er binnen zijn team inderdaad sprake is van werkstress.
Let hierop bij instemming plan van aanpak
Voordat de OR instemt met het plan van aanpak is het belangrijk om op de volgende punten te letten:
- Vloeien de aan te pakken risico’s logisch voort uit de RI&E?
- Welke prioriteiten heeft de bestuurder gesteld en kun je je hierin vinden? Sluiten die keuzes aan bij de situatie op de werkvloer?
- Zijn de maatregelen die in het plan van aanpak staan volgens de OR concreet en effectief genoeg?