8.4 Formele stappen
naleving
Als een gesprek tussen de OR en de bestuurder vastloopt, kan de OR het recht op scholing op meer formele wijze veiligstellen. In zo’n geval biedt de WOR een aantal routes om alsnog tot naleving te komen: de procedure bij de bedrijfscommissie, mediation en de gang naar de kantonrechter. Hieronder staan per route zowel de formele stappen als de praktische afwegingen rondom doorlooptijd, kosten en de mogelijke invloed op de onderlinge samenwerking.
8.4.1 Procedure bij de SER-bedrijfscommissie
adviesinstantie
kosteloos
De scholingskamer van de bedrijfscommissie van de SER is bedoeld als laagdrempelige adviesinstantie als onderhandelingen tussen OR en bestuurder mislukken. Wettelijk is deze route verankerd in artikel 36 WOR. Het voordeel van de bedrijfscommissie is dat die neutraal en laagdrempelig kan bemiddelen. De bedrijfscommissie heeft veel kennis van medezeggenschap en de bemiddeling is kosteloos. De bedrijfscommissie velt namelijk geen oordeel, maar kijkt vooral hoe de medezeggenschap onderling verloopt.
Bemiddelingsverzoek
documenten
toelichten
Hoe verloopt de procedure bij de bedrijfscommissie? De OR stuurt een bemiddelingsverzoek naar de bedrijfscommissie en stuurt alle documenten mee die relevant zijn, bijvoorbeeld het scholingsplan. Vervolgens plant de bedrijfscommissie een bemiddelingszitting met de OR en bestuurder. Tijdens deze zitting kunnen beide partijen hun standpunten toelichten aan de commissie. De bedrijfscommissie begeleidt het gesprek en helpt partijen samen naar een oplossing te zoeken. De bedrijfscommissie kan ook handvatten aanreiken, maar vaak komen de bestuurder en de OR zelf met een oplossing. Uiterlijk zes weken na de zitting ontvangen partijen voor eigen gebruik een schriftelijk verslag van de bevindingen en zo nodig een bemiddelingsadvies.
8.4.2 Mediation
verzoek
Mediation is een vrijwillig proces waarbij een onafhankelijke mediator beide partijen faciliteert in het vinden van een oplossing die voor OR en bestuurder werkbaar is. De route start met een gezamenlijk verzoek tot mediation en de keuze voor een mediator. In een eerste intakegesprek wordt vastgesteld welke issues prioriteit hebben en hoe vaak de partijen elkaar zullen ontmoeten. Tijdens de mediation-sessie worden behoeftes en belangen helder gemaakt, waarna concrete afspraken over de scholing worden vastgelegd in een mediationovereenkomst.
Doorlooptijd
partijen
vertrouwen
De doorlooptijd van mediation is vooral afhankelijk van de beschikbaarheid van partijen en de complexiteit van de onenigheid. De partij die de mediation aanvraagt (OR, de bestuurder of gezamenlijk) heeft veel invloed op de doorlooptijd. De kosten bestaan voornamelijk uit het uurtarief van de mediator en eventuele locatiehuur, maar zijn doorgaans lager dan de totale kosten van een gerechtelijke procedure. Mediation is gericht op herstel van vertrouwen: de afspraken zijn alleen bindend voor zover OR en bestuurder dit in de overeenkomst vastleggen, waardoor de relatie niet onherstelbaar wordt belast.
8.4.3 Gang naar de kantonrechter
rechtbank
Lukt het niet via de SER of mediation, dan kan de OR een procedure bij de kantonrechter starten op basis van artikel 18 WOR (recht op scholing) of artikel 36 WOR (bindend advies). De procedure start met een verzoekschrift dat de OR via een advocaat bij de rechtbank indient. De bestuurder krijgt de gelegenheid om hier schriftelijk op te reageren. Daarna volgt meestal een mondelinge behandeling, waarbij beide partijen hun standpunten toelichten, waarna de rechter een bindend vonnis uitspreekt. De rechter doet binnen enkele maanden (in een spoedprocedure soms sneller) uitspraak; deze is bindend en moet worden opgevolgd.
Definitief
relatie
De route via de kantonrechter heeft als voordeel dat er een definitief oordeel komt, maar dit kost vaak tijd en geld. Advocaatkosten en griffierechten kunnen behoorlijk oplopen, en de doorlooptijd varieert van enkele maanden tot soms een jaar. Voor de relatie tussen OR en bestuurder kan een rechtszaak bovendien belastend zijn, zeker als de uitkomst in de openbaarheid komt.
Keuze
behoud
De keuze voor de bedrijfscommissie, mediation of de kantonrechter vraagt dan ook om een zorgvuldige afweging van de OR. Voor een kosteloos objectief advies is de bedrijfscommissie vaak de beste stap. Mediation biedt een flexibele, vertrouwelijke tussenweg als behoud van relatie en maatwerk vooropstaan. Als alle andere wegen definitief blijken afgesloten, biedt de kantonrechter het meest juridische zekerheid, maar tegen hogere kosten en met langdurige procedures.
Terugblikken
verloop
Meestal lopen de afspraken over scholing zonder conflicten tussen de OR en de bestuurder. Hoe dan ook kan het heel zinvol zijn voor de OR terug te blikken op het verloop van de scholingen. Dat kan door een gedegen evaluatie te doen met de OR-leden. Wat kan er de volgende keer beter? Het laatste hoofdstuk helpt de OR hiermee op weg.