5.5 Vorm
werkvorm
Je hebt als OR gekeken naar de inhoud, de kwaliteit en de kosten voor de scholing. Ook heb je een specifieke trainer hiervoor in beeld. In welke vorm gaat de scholing plaatsvinden? Dan speelt onder andere mee: lengte van de scholing, online of fysiek en de werkvormen. Deze zaken over de vorm van de training kun je samen met de trainer bespreken en kijken naar de passende mogelijkheden. Dit kan bijvoorbeeld aan bod komen in de voorbespreking van de scholing. Het is raadzaam om ruim voordat de scholing begint zo’n bespreking met de trainer te plannen.
5.5.1 Online, fysiek of blended
mix
Naast fysieke scholingen op een locatie vinden er steeds vaker ook online scholingen plaats. Ook een mix van online en fysiek – ook wel blended learning genoemd – kan heel waardevol zijn.
Meerwaarde
interactie
Voor velen zit de meerwaarde van een fysieke bijeenkomst in de directe interactie. Ook biedt een fysieke scholing doorgaans meer gelegenheid tot informele contacten (even met een collega-OR-lid een lastig dilemma bespreken). In het algemeen zijn online bijeenkomsten vaker op kennisuitwisseling gericht. Voor het aanleren van vaardigheden (workshops) en teambuilding gaat de voorkeur vaker uit naar scholingen op locatie.
basistraining
leereffect
Blended learning kan bijvoorbeeld zinvol zijn als:
- de OR bestaat uit ervaren en nieuwe leden. De OR kiest er dan bijvoorbeeld voor om een deel van de basistraining op een eerder moment online te doen, gericht op een aantal basisvaardigheden. De rest van de training volgen de OR-leden gezamenlijk op locatie.
- de OR bepaalde vaardigheden van OR-leden, zoals onderhandelen, wil bijspijkeren. De OR verdeelt dit bijvoorbeeld over drie blokken in een periode van twee maanden om het leereffect te vergroten. In het eerste en derde blok vinden korte online sessies plaats. Het tweede blok bestaat uit een dag op locatie met acteurs waar je kunt oefenen met de geleerde stof.
5.5.2 Meerdaagse training of korte snelkookpan
investeren
De duur van een OR-scholing kan erg uiteenlopen. Soms plannen ondernemingsraden een drie-, vier- of misschien wel vijfdaagse training om te investeren in kennis, teambuilding en vaardigheden. Of om ook heel praktisch gericht met elkaar de tijd te nemen om bijvoorbeeld een OR-jaarplan op te stellen, al dan niet voorafgegaan door een training hierover.
De duur van een training hangt sterk samen met het doel van de training. Wat wil de OR bereiken? En wat is het totale scholingsplan van de OR (zie ook hoofdstuk 7)?
Tijd
afwisseling
resultaat
Ook hier past heel goed het vaak genoemde motto voor het werk van ondernemingsraden: ‘Zo snel als het kan en zo langzaam als het moet!’ Ofwel: het is belangrijk dat de OR de tijd neemt voor scholing, want dat bepaalt voor een groot deel de effectiviteit van een OR. Bij een scholing – en zeker een meerdaagse scholing – is het belangrijk om te zorgen voor voldoende afwisseling in het programma. Zo houd je iedereen bij de les. Uit onderzoek van Patti Shank, doctor in de educatieve technologie, blijkt dat een mix van leeractiviteiten uiteindelijk tot de beste resultaten leidt. Denk dan aan variatie in werkvormen en een gepersonaliseerde aanpak.
5.5.3 Actieve werkvormen
leerstof
oefenen
actief
Tijdens een OR-scholing kunnen verschillende werkvormen ingezet worden om de leerstof goed te laten aansluiten bij de praktijk van de OR. Bijvoorbeeld:
- Interactieve presentaties, waarbij theorie wordt uitgelegd en besproken.
- Groepsopdrachten, waarbij OR-leden samen vraagstukken uitwerken.
- Rollenspellen en simulaties helpen bij het oefenen van bijvoorbeeld overleg- of onderhandelingsvaardigheden.
- Casusbesprekingen uit de eigen organisatie zorgen voor directe herkenning en toepasbaarheid.
Door de afwisseling blijven deelnemers actief betrokken en je vergroot het leereffect.