U bent hier

OR & Medezeggenschap
Vormen van medezeggenschap6. Ondersteuning van de medezeggenschap6.5 Faciliteiten

6.5 Faciliteiten

Dit artikel is eerder verschenen als Themadossier OR Rendement
Publicatiedatum: mei 2026

vergaderruimte

Om het OR-werk goed te kunnen uitvoeren, heeft de OR recht op passende faciliteiten. Deze faciliteiten zijn geen gunst van de bestuurder, maar een wettelijke voorwaarde voor een goed functionerende medezeggenschap. Volgens artikel 17 WOR moet de ondernemer de OR in staat stellen zijn werkzaamheden naar behoren te verrichten. Dat betekent onder meer dat je als OR gebruik moet kunnen maken van vergaderruimte, administratieve ondersteuning en noodzakelijke voorzieningen zoals een computer, toegang tot e-mail en relevante bedrijfsinformatie. Ook moet je toegang hebben tot kopieer- en archieffaciliteiten. Daarnaast moeten OR-vergaderingen in principe onder werktijd kunnen plaatsvinden. Het OR-werk mag niet afhankelijk zijn van vrije tijd of informele momenten. Je hebt als OR-lid recht op voldoende tijd om je werkzaamheden te verrichten. Dat geldt voor vergaderingen, voorbereiding, overleg met commissies, achterbancontact en scholing.

De exacte omvang van de benodigde tijd kan per organisatie verschillen, maar het uitgangspunt is dat OR-werk niet ‘erbij’ wordt gedaan in eigen tijd.

Achterbanberaad

ontslag­bescherming

ontslag

De OR heeft het recht om overleg te voeren met de werknemers, ook wel achterbanberaad genoemd. OR-leden mogen werknemers raadplegen over belangrijke onderwerpen en informatie delen over lopende trajecten. Dit overleg vindt bij voorkeur plaats onder werktijd en met behoud van loon. Om je taak onafhankelijk en zonder druk te kunnen uitvoeren, geniet je als OR-lid een bijzondere ontslagbescherming (artikel 7:670 Burgerlijk Wetboek). Dit betekent dat een OR-lid niet mag worden benadeeld of ontslagen vanwege zijn medezeggenschapsactiviteiten. Deze bescherming geldt tijdens het OR-lidmaatschap en nog gedurende een periode daarna. Als een OR-lid zich kritisch uitlaat over een reorganisatie en namens de OR een negatief advies uitbrengt, kan de bestuurder dat dus niet aangrijpen als reden om het dienstverband te beëindigen of de werknemer ongunstig te beoordelen. Alleen bij zwaarwegende, niet-OR-gerelateerde redenen – zoals disfunctioneren dat losstaat van het OR-werk – kan ontslag aan de orde zijn. De ontslagbescherming waarborgt zo een onafhankelijke positie van de OR.